Maand: oktober 2011

week 43 zondag (16,4 km; 14,0 C; zwaar bewolkt)

Na het treurige einde van mijn loopsessie vorige week zondag wilde ik in elk geval voldoende rust nemen voor ik weer op pad ging. Dat heb ik misschien wat overdreven, maar ik heb me vandaag in elk geval prima gerevancheerd. Toen ik van huis ging zei ik dat ik geen flauw idee had hoe lang ik weg zou blijven. Als het lekker ging zou het zomaar langer dan anderhalf uur kunnen duren, maar als het ging zoals vorige week was ik waarschijnlijk binnen een uur weer terug.

Het wonder voltrok zich, ik heb prima gelopen. Mijn kuiten deden niet moeilijk, maar darmen niet, ik had het gewoon lekker naar mijn zin. Een deel van de route liep ik over terrein waar ik nog niet eerder ongeschoeid was geweest, en hoewel het niet allemaal even glad was liep het een stuk beter dan ik van tevoren vreesde. Uiteindelijk werd het ruim 16 kilometer, en kwam ik tevreden en voldaan weer thuis.

week 42 zondag (13,0 km; 13,0 C; zonnig)

Hoewel ik graag in de ochtend loop heb ik me laten leiden door de weersverwachting. Bij het opstaan ’s ochtends was het 5-6 graden, dat zou in de loop van de dag stijgen naar een graad of 12, 13. Voor een blotevoetenloper is 6 graden wel te doen, maar 12 is wel veel aangenamer. Ik had bovendien een lichte hoofdpijn, en misschien zou het nog over gaan.

Toen ik uiteindelijk halverwege de middag vertrok was de hoofdpijn niet weg, maar er was mee te lopen. Met het idee dat het alles kon worden tussen de tien en twintig kilometer vertrok ik van huis. Na een paar kilometer meldden mijn darmen zich. Dat was ongewenst, maar niet zo erg dat ik terug moest. Na enige tijd zakte het weer, en ook mijn hoofdpijn werd steeds minder. Ik liep eigenlijk wel lekker. Tot vlak voor het tien kilometerpunt. Ineens meldden mijn kuiten zich heel nadrukkelijk. Ze vonden dat ik teveel van ze vroeg. Ik vond dat ze niet moesten zeuren, zoveel was tien kilometer nou ook weer niet. Maar het gezeur hield aan, en uiteindelijk moest ik zelfs zo nu en dan een stukje wandelen. Dat werd dus de kortste weg naar huis. Op 13 km drukte ik uiteindelijk de stopwatch in.

Als ik langere tijd niet gelopen heb krijg ik wel vaker last van mijn kuiten, maar in een periode dat ik geregeld op pad ga eigenlijk nooit, in elk geval niet zo heftig. Misschien toch nog wat nawee├źn van het heuvelwerk op Vlieland? Ik houd het deze week maar even rustig. Wel een paar keer lopen, maar bescheiden afstanden.

Even een vies praatje. Er wordt vaak gevraagd: ben je niet bang voor glas/poep/kou/… als je op blote voeten loopt. Daarbij is de verwoorde omstandigheid vaak een expressie van de eigen angsten denk ik dan. Dat wat men het ergste lijkt wordt in de vraag genoemd. Voor de een is dat glas, voor de ander poep.
Grote stukken glas weet ik tot nu toe uit de weg te gaan, kleine splintertjes vang ik wel eens met mijn voeten, tot nu toe niet veel vaker dan een of twee keer per jaar. Poep zie je over over het algemeen wel liggen en is dan makkelijk te vermijden, maar afgelopen zondag ging het toch mis. Ik liep een klein stukje door een graskant en voelde meteen dat ik in iets zachts landde, en tegelijk krulde er ‘iets’ tussen mijn tenen omhoog. Eenden- of hondenpoep, daar wil ik afwezen, maar een smakelijk idee vond ik het niet. Gelukkig is Dordrecht gezegend met een groot aantal sloten, en ook nu was de volgende niet ver weg. Even spoelen, en de ongerechtigheid was verdwenen. ­čÖé
Vind ik het fijn? Nou nee. Is het erg? Dat ook niet natuurlijk. En twee keer in de vijf jaar vind ik wel een acceptabel gemiddelde, en dus zeker geen reden om schoenen aan te trekken. En zeg nou zelf, hoe makkelijk laat poep zich verwijderen van een schoen?

Vlieland herfstvakantie 2011

Tijdens de herfstvakantie (van 14 t/m 21 oktober) waren we op Vlieland. Nadat we in twee voorgaande jaren tijdens de zomervakantie op Vlieland (op camping Stortemelk) waren geweest hebben we nu voor het eerst het eiland vanuit een huisje bekeken. We troffen het met name in de eerste helft erg met het weer, maar ondanks wind en regen was het ook in de tweede helft beslist niet onaangenaam.

Uiteraard moest ik ook hardlopen op Vlieland. Ik had al eerder gemerkt dat ik het heerlijk vind om over het strand langs de vloedlijn te lopen. Vanaf camping Stortemelk is dat erg eenvoudig: je steekt 1 duin over, en je staat op het strand.
Wij verbleven nu in een huisje aan de Dorpsstraat, en dan is zo’n oversteek niet voorhanden. Maar niets is op Vlieland echt ver weg.

Op zondag 16 oktober liep ik via de Postweg (de ‘ lange’ weg die aan de zuidkant van het eiland loopt) tot aan het Posthuys. Daarvandaan is de doorsteek naar de Noordzeekant, en het strand dus, niet veel meer dan een halve kilometer. Over het strand liep ik weer terug tot aan de duinopgang bij het Strandhotel Seeduyn, en dan via de Badweg weer terug naar huis. Bij elkaar bijna 17 km. Dubbel kicken. Ten eerste was het lang geleden dat ik zo’n afstand liep, maar het was vooral kicken vanwege de omgeving.

Later in de week, op woensdag, liep ik nog een wat kortere route. Eerst ook weer over de Postweg, maar nu maakte ik al eerder de doorsteek naar het strand over het Pad van Dertig, langs camping de Lange Paal. Er stond een behoorlijk stevige wind, die ik de laatste halve kilometer door de duinen tegen had. Eenmaal op het strand aangekomen had ik de wind meer in de rug en ‘vloog’ ik voor mijn gevoel terug. Deze keer doorgelopen tot camping Stortemelk en vandaar terug naar het dorp. Bij elkaar ruim 13 kilometer.

Ik merkte aan kuiten en bovenbenen dat ik niet gewend ben om in heuvelachtig terrein te lopen, en dat is best jammer. Het maakt de training toch completer. En natuurlijk, ik kan in Dordt de brug over de Merwede een paar keer op en neer lopen, en dat is effectief misschien net zo goed, maar toch in elk geval lang niet zo leuk.

week 41 woensdag (13,3 km; 12,0 C; miezerregen)

Gisteren had ik me voorgenomen vanochtend lopend naar mijn werk te gaan. Hardloopforensen zogezegd. Toen ik wakker werd hoorde ik het regenen. Daar had ik eigenlijk niet op gerekend. Maar koud was het niet, en het regende eigenlijk ook niet hard, dus het leek me een prima idee om toch lekker te gaan lopen. De eerste paar kilometer protesteert mijn lichaam altijd wat, zo op de vroege ochtend (even na half zes de deur uit), maar als ik eenmaal de Zwijndrechtse brug achter de rug heb, zo rond het 3 km punt, loopt het gesmeerd.

Mensen vragen zich vaak af of de nattigheid niet voor meer problemen zorgt, denkend aan de rimpelhanden die je krijgt van bijvoorbeeld douchen. Ik merk daar niet veel van. De wrijving is wat minder. En dat loopt wel makkelijk. Daar zit ook een potenti├źle valkuil, want als ik niet uitkijk wordt mijn loopstijl wat slordiger en loop je de kans op blaartjes. Goed bij de les blijven dus.
In deze tijd van het jaar is nattigheid nog niet echt koud, dus ook in dat opzicht geen problemen. Meer naar de winter toe probeer je plassen misschien te vermijden, nu is het nog lekker om erdoor te lopen.

Al met al weer een lekker stukje gelopen.

week 41 maandag (7,9 km; 17,2 C; bewolkt)

Na een paar frisse dagen vorige week ineens weer heel zacht. Tezamen met de stevige wind gaf dat aangenaam loopweer. Eigenlijk loop ik zelden op maandag, vooral omdat ik de zondag vaak gebruik voor langere duurlopen, maar ten eerste was er gisteren niet meer van lopen gekomen, en bovendien begin ik zo langzamerhand te beseffen dat ik gewoon moet gaan als ik tijd en zin heb, want vaak genoeg ontbreekt het aan een van beide.

Lekker gelopen, met als bijzonderheid elke kilometer honderd meter versnellen.
Een minder aangename bijzonderheid is dat ik sinds een week of 2-3 een pijnlijk ‘iets’ heb bovenop mijn enkelknobbel. Het is ontstaan toen ik samen met een vriend een stuk aan het wandelen was in de buurt van Doorwerth. Ik begon blootsvoets, maar kon daardoor niet steeds in ons gebruikelijke tempo wandelen en trok mijn sandalen aan. Tijdens deze wandeling verzwikte ik mijn enkel, ik zag een kuil over het hoofd. Niet heel ernstig, maar het gevoel is er sindsdien. Het wordt tijdens het hardlopen niet of nauwelijks erger, maar ik voel het wel steeds. Ik weet dat dit soort klachten soms veel tijd nodig hebben om over te gaan, maar de vraag is altijd wanneer je er een deskundige bij moet halen. Zolang het niet erger wordt maar even niet.

week 40 dinsdag (13,2 km; 17,5 C; bewolkt)

Het werd weer eens tijd om naar mijn werk te lopen. Na ruim een week pauze te hebben gehouden wilde ik niet het risico nemen dat er werkomstandigheden zouden zijn die het lopen in de weg zaten. Als je ’s ochtends vroeg gaat lopen is de buit alvast binnen.

De eerste paar kilometer voelden zwaar, of ik net het hardlopen als sport had opgepakt. Ik ken dat inmiddels wel van mezelf, meestal gaat dat vanzelf weer over, en ook nu heb ik uiteindelijk lekker gelopen. Zoals ik kortgeleden ook al op Chat’n’Run meldde heb ik er eigenlijk niet zoveel last van dat het donker is. Mijn route route is vrijwel nergens zo donker dat je echt niets ziet, en daar waar het zicht slecht is (stukken van het fietspad langs de A16) is eigenlijk ook weinig troep te verwachten. Glas en andere ongerechtigheden vind je in het algemeen meer in stedelijke gebieden.
Wel last had ik van slecht of helemaal niet verlichte fietsers die mij tegemoet kwamen. Door een van hen sprong ik door de schrik bijna voor een fietser die me van achteren naderde. Gelukkig was het pad breed genoeg en liep het allemaal goed af.

Op mijn FR305 zit een functie die automatisch elke kilometer als ronde vastlegt. Vanmorgen begon hij na de tweede kilometer ineens te zeuren dat de rondendatabase vol was. Op <enter> drukken stond. Nou, je kon op <enter> drukken wat je wilde de melding bleef terug komen. Met veel moeite tussen de foutmeldingen door weten te navigeren naar de plek waar ik dacht dat de wisfunctie zat (en inderdaad, daar zat hij!), en gezegd dat hij alles wat ouder was dan drie maanden mocht weggooien. Toen werd mijn horloge weer rustig. Pff, daar zit je zo op de vroege ochtend niet echt op te wachten.

© 2020 Onderweg

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑