Morgen is het precies een jaar geleden dat ik voor het eerst van mijn leven (vrijwillig) onder een koude douche stond. Hier heb ik dat beschreven. In eerste instantie ging ik ervan uit dat ik het een week zou doen, later maakte ik daar een maand van, en toen die maand bijna was afgelopen vond ik een jaar ook wel een mooi streven.

En vandaag heb ik dat jaar dus volgemaakt. Heb ik het echt elke dag gedaan? Min of meer. De uitzonderingen worden gevormd door de overnachtingen op campings waar alleen maar eenknopsdouches waren, en eenknops impliceert vrijwel altijd warm water, tenzij er iets kapot is natuurlijk. Toen ik de eerste keer op zo’n camping verbleef was ik daar echt strontchagrijnig over. Daar ging mijn mooie streven om het een jaar lang elke dag te doen. Later kon ik het beter relativeren, maar ik bleef het spijtig vinden. En als ik dan op zo’n camping was zocht ik toch altijd even of er echt geen koude douche te vinden was. Meestal was dat dan zo, maar een enkele keer vond ik nog een oude sanitaire voorziening die prima paste bij mijn wensen.

Slechts één keer ging het thuis mis. Ik was het douchen ’s ochtends aan het uitstellen geweest, en ’s avonds bedacht ik ineens dat van uitstel afstel was gekomen.

Elke dag dat ik op mijn werk aankwam (om ongeveer zes uur, op de fiets) stond ik daar vervolgens onder de koude douche alvorens aan het werk te gaan. Hoewel, koud. Het viel me op dat het water op mijn werk lang zo koud niet was als thuis. Ik liet het water dan soms een poosje lopen en dan werd het inderdaad op een gegeven moment kouder, maar uiteindelijk ben ik daarmee gestopt. Ik vond die waterverspilling een soort van immorele actie.

Thuis was het water, zoals gezegd, behoorlijk koud, ik geloof dat ik een keer gemeten heb dat het acht graden was. Ik heb een tijdlang met de stopwatch in het zicht de douche genomen, want ik wilde het mezelf niet te makkelijk maken. Ik stelde de eis aanvankelijk op vier minuten, maar dat ben ik later wat relaxter over gaan denken. Dat werd dan drie, en uiteindelijk klokte ik helemaal niet meer. In de praktijk zal het wel een minuut of drie gebleven zijn.

Ik had laatst vernomen dat een online cursus van de Wim Hof-methode ook het koud douchen trainde, en dat er naar tien minuten werd toegewerkt. Afgelopen weekend heb ik dat eens geprobeerd. Na acht minuten had ik er genoeg van. Niet zozeer omdat ik het qua kou niet volhield, maar meer omdat ik me stond te vervelen. Ik ga binnenkort nog eens een poging doen.

De grootste verworvenheid van het afgelopen jaar vind ik het feit dat ik een voornemen voor de lange termijn kan maken, iets wat ik niet op voorhand al erg leuk vind, en dat ook daadwerkelijk kan uitvoeren. Ik ga zeker proberen dit gegeven ook op andere gebieden in mijn leven toe te passen. Misschien kom ik er nog nog eens op terug.

Een andere verworvenheid is dat ik nog beter tegen kou kan dan ik al deed. Ik heb het afgelopen jaar vaker dan voorgaande jaren in een shirt zonder mouwen mijn fietstochten gemaakt. De grens waarop ik dat nog kon doen is zeker een paar graden gedaald. (Helemaal shirtloos had ook gekund, maar ik geloof dat veel mensen dat nog erger vinden dan rondwandelen op blote voeten.)

En hoe nu verder? Ik blijf zeker koud douchen, maar het hoeft niet meer verplicht elke dag. Misschien minder vaak, maar wel intensiever, langer, met nog meer aandacht voor de ademhaling.
Om te beginnen, om de ‘ban’ te breken, ga ik morgenochtend op mijn werk een heerlijke warme douche nemen. 🙂