Auteur: Peter (page 1 of 53)

Een uitdaging

Eens in de zoveel tijd heb ik het nodig, zo zie ik dat, om mezelf een uitdaging op te leggen. En zo bedacht ik aan het eind van de vorige maand dat het een goed idee zou zijn om mijn gebrek aan beweging een zetje te geven. Tot de Corona-crisis losbarstte was ik gewend vrijwel dagelijks naar mijn werk te fietsen. Ik deed dat al sinds mei 2008, toen mijn werk van mijn woonplaats naar Ridderkerk verhuisde.
Ik merkte dat ik het fietsen miste, en ik miste ook de vaste structuur waarin dat plaatsvond. Vier keer per week 12,8 km heen, en natuurlijk ook weer terug, met zo nu en een ommetje uit mijn werk.

Om die structuur weer terug te brengen, en nog wat meer, bedacht ik dat ik in de maand juni dagelijks een tochtje wilde maken van tenminste 30 km. Waarom 30? Ik had bedacht dat deze afstand in elk geval nog iets voorstelde (voor mij dan hè), terwijl het niet te veel was om met mijn huidige conditie dagelijks te doen. Er zouden ongetwijfeld dagen komen dat ik er geen zin in had (inderdaad!), maar dan nog moest het wel te doen zijn.

Vandaag was de laatste dag van deze ‘challenge’. En ik moet zeggen dat ik erg grosso modo erg van genoten heb. In totaal heb ik 1289 km gefietst, dat is ongeveer 42 km gemiddeld per dag. Ik heb daadwerkelijk elke dag minstens 30 km gefietst, de kortste afstand was niet veel meer dan die 30 km, de langste 104 km. Ik heb stukken van de Hoeksche Waard en de Alblasserwaard gezien waar ik nog niet eerder was geweest.

Ik heb ook gemerkt dat het fietsen me geleidelijk aan weer makkelijker afging, ook de laatste dagen toen er vrijwel constant een zuidwestenwind kracht 5 stond. Over het geheel genomen heb ik heel aardig weer gehad, sommige dagen waren zo warm dat ik net als vorig jaar in Frankrijk al vroeg op pad ging.

De vraag is: hoe nu verder? Nog een maand verplicht dagelijks fietsen wil ik niet. Met name de laatste week merkte ik dat ik er soms helemaal geen zin in had. Toch wil ik het niet laten vallen, mijn nieuwe fietsenthousiasme. Ik denk dat ik mezelf een weektarget ga opleggen, maar ik ben er nog niet helemaal uit hoe hoog de doelstelling zou moeten zijn. Afgaande op de afgelopen maand, en ervan uitgaande dat ik verder wil opbouwen, denk ik dat 300 km per week wel redelijk realistisch is. Omdat ik ook weleens een of twee dagen niet wil fietsen betekent dat automatisch dat de gemiddelde ritlengte zal toenemen.

Kijk, en dat past dan weer mooi bij een ander streven. Sinds kort ben ik aan het tegelen geslagen. Voor wie het niet kent, tegelen is het bij elkaar sparen van virtuele vakjes op de kaart waar je met de fiets geweest bent.
Ik heb onlangs mijn Garmin account gekoppeld aan Strava, een app die veel door hardlopers en -fietsers wordt gebruikt om hun prestaties in bij te houden. Gekoppeld aan Strava is dan weer een programmaatje dat VeloViewer heet, en hiermee kun je dus zien in welke vierkantjes (tegels) je al geweest bent.
Zo ziet dat er dan uit. Alle roze en groen gekleurde vakjes ben ik al geweest. De groene vakjes zijn onder, boven, links en rechts omsloten door vakjes waar ik ook al geweest ben, en de verzamelde groene vakjes worden het cluster genoemd. Het streven is om je cluster zo groot mogelijk te krijgen.
Daarnaast wordt er gekeken naar het grootste vierkant dat je met bezochte tegels kunt maken. Mijn grootste vierkant is momenteel 11×11, hetgeen nog erg bescheiden is. Het grootste vierkant wordt beperkt door tegels die niet of heel lastig te bezoeken zijn. Mijn grens ligt aan de onderkant bijvoorbeeld redelijk vast door het Haringvliet en de Biesbosch. Er zijn mensen die ook dit soort tegels proberen te scoren door bijvoorbeeld met een kano op pad te gaan. 🙂
Voorlopig beperk ik me tot fietsen en eventueel wandelen. De meeste tegelaars vinden dat andere manieren dan fietsen toegestaan zijn, als het maar op eigen kracht is. Ik zie dat ook wel zo.

Je kunt je voorstellen dat je, om nieuwe tegels te ‘scoren’, steeds verder van huis moet, vandaar dat mijn voornemen om langere stukken te gaan fietsen daar goed bij past.

En het vakantiefietsen dan vragen sommigen zich misschien af? Het was de bedoeling dat ik in deze periode naar Praag zou gaan fietsen, maar ik heb besloten om daar nog vanaf te zien, ook al zijn de grenzen en ook veel campings weer open. Wellicht ga ik in het najaar nog iets doen.
Daarnaast is het zo dat ik, in tegenstelling tot veel andere Strava-gebruikers en tegelzoekers, gewoon op mijn Santos TM3+ vakantiefiets alle routes afleg. Daardoor zal ik nooit een echt snelheidsmonster worden, voor zover dat er überhaupt al in zat, maar lange afstanden kun je er zeker mee afleggen, en voor onverharde paden is hij heel geschikt.

Nou mensen, dat was hem weer sinds lange tijd. Ik hoop de frequentie van nieuwe bijdragen op mijn blog weer wat hoger te kunnen maken.

En wordt er ook nog gefietst?

Nadat de vorige twee stukjes over wandelen gingen is de vraag gerechtvaardigd of er ook nog gefietst wordt, dan wel gaat worden. Afgezien van het woon-werkverkeer (krap 13 km enkele reis) fiets ik in deze periode ook weleens met een omweg naar huis, of ik maak in het weekend een extra rondje, maar verder mag het niet veel naam hebben. Wel ben ik druk aan het nadenken over een fietsbestemming voor komende zomer. Een goede kanshebber is Praag. Het schijnt een mooie stad te zijn, en over de route er naartoe hoor ik ook geen slechte verhalen. Een andere optie is naar de omgeving van Bordeaux gebruikmakend van de Jacobsroute. Deze route komt uiteindelijk in Santiago de Compostella uit, maar daarvoor ontbreekt nu nog de tijd.
Het kan echter heel goed zijn dat ik nog iets heel anders ga bedenken. Bijvoorbeeld een route waarbij ik zowel fietsend van huis kan vertrekken, als ook weer fietsend kan aankomen.  Kortom, het kan (ook letterlijk) nog alle kanten uitgaan.

Het Pieterpad – De proloog

In een ver verleden, toen het pad net bestond, heb ik een tijdvak van een aantal jaren samen met mijn vriend Adri het Pieterpad gelopen. Ik kan me nog herinneren dat we gebaseerd op, ja op wat eigenlijk, laten we zeggen een vooroordeel, hadden besloten om het stuk van Pieterburen tot aan Haren in eerste instantie over te slaan. Dat leek ons niet zo mooi, we doken liever meteen Drenthe in. Toen we enkele jaren later één of enkele etappes van de Pietersberg verwijderd waren vonden we het toch wel nodig om ook die eerste etappe nog eens te doen, anders zouden we tenslotte niet kunnen zeggen dat we het Pieterpad helemaal gelopen hadden. Wat was dat eerste stuk mooi! Het was een van de vele keren dat ik mijn vooroordelen leerde argwanen.

Vorig jaar kreeg ik ineens het idee dat ik dat Pieterpad best nog eens zou willen doen. Zelf ben ik ruim dertig jaar ouder dan toen, en dat pad was ook niet meer precies hetzelfde als indertijd. En laten we wel wezen, de kans dat ik grote stukken verveeld zou herkennen was ook erg klein. Ik vroeg Adri of hij er ook zin in had, maar die reageerde niet direct heel enthousiast. Daarop bedacht ik dat ik het wel leuk vond om de route met steeds een wisselend gezelschap af te leggen. Ik ga er vanuit dat Adri vast wel een of meerdere etappes wil meelopen, ik heb al een broer en enkele zussen bereid gevonden mij op een etappe te vergezellen, en ik vind vast nog wel wat enthousiastelingen. Bovendien denk ik dat ik het, mezelf kennende, ook wel leuk vind om zo nu en dan alleen op pad te gaan. Binnenkort ga ik het hele traject in hapklare brokken opknippen en een aantal data prikken waarop mensen vervolgens kunnen intekenen. Ik denk dat ik ergens in april, of begin mei wil beginnen. Bij voorkeur wanneer het weer het wandelen nog leuker maakt. Op deze blog wordt er ongetwijfeld nog meer over geschreven. Als je dit nou leest en het lijkt je leuk om een stukje mee te lopen en ik heb je nog niet benaderd dan kun je natuurlijk altijd contact opnemen.

Pelgrimspad: Aalst-Drunen

Eén keer eerder schreef ik over het Pelgrimspad, de LAW die mijn oudste zoon en ik al sinds 2012 (!) aan het wandelen zijn. Moet dat dan zo lang duren? In principe niet natuurlijk, toen we er aan begonnen was het idee om een paar keer per jaar op een dag of in een weekend een volgend stuk te lopen. Maar zoals dat soort dingen soms gaan, de prioriteit was niet altijd even hoog. Bovendien heeft mijn wandelpartner in de tussentijd nog een jaar in Cambodja gewoond, en daarna is hij ook nog vader (en ik dus opa) geworden. De laatste wandeling was al weer in  2017, toen we van Woudrichem naar Aalst wandelden. De logistiek is niet altijd even eenvoudig. Plaatsen zijn soms lastig met het OV te bereiken, ook al heeft dat wel onze voorkeur. In 2017 gebruikten we de twee-auto-methode. Achter elkaar naar het eindpunt, daar één auto achterlaten, en met de andere auto naar het beginpunt. Afijn, de methode zal duidelijk zijn.

Deze keer hebben we ons door mijn dochter naar Aalst laten brengen. Vandaar zouden we een kilometer of twintig lopen, naar Drunen, om daar dan de bus naar Den Bosch te nemen. Het weer was de eerste paar uur niet denderend. We liepen over diverse dijken en dijkjes in een stevige (mot-)regenbui met de wind tegen of dwars op de weg. Hoewel ik graag op blote voeten loop had ik het niet aangedurfd, en mijn Sockwa’s aangetrokken: heel dunne, zeer flexibele schoentjes. Die waren na een paar kilometer drijfnat, en dat zorgde ervoor dat ik op een gegeven moment ijskoude, bijna gevoelloze voeten had. Gelukkig had ik ook nog sandalen bij me, en dan denk je misschien dat dat niet erg gaat helpen, maar daar vergis je je dan toch in. Vanaf het pontje bij Bern (het Bernse Veer!) waar ik de sandalen aantrok tot Heusden was maar een paar kilometer, en toen waren mijn voeten al weer aardig op temperatuur gekomen. In Heusden dronken we in een restaurantje bij de haven uitgebreid koffie, en dat zorgde voor de laatste opwarming, genoeg om weer met goede zin op pad te gaan.

We vonden de route van Aalst naar Drunen niet het mooiste traject van het tot nu toe gelopen stuk van het Pelgrimspad, maar we hebben het toch prima gehad. Bijpraten is vaak het hoofddoel, en dat is prima gelukt.

Vlak voor het eindpunt van deze wandeling nog een ontmoeting met deze pony.

In Drunen zagen we de bus naar Den Bosch vlak voor onze neuzen wegrijden, maar in het bushokje zaten we lekker uit de wind, en na een half uur kwam de volgende bus. In DB nog een hapje gegeten, en daarna gingen we ieder onze eigen weg naar huis. Op 17 mei gaan we de laatste etappe naar Den Bosch lopen (al weet je het nooit zeker bij ons), en daarna moeten we bedenken hoe we verder gaan. Gaan we ook deel twee van het Pelgrimspad lopen, van Den Bosch naar Maastricht? Of gaan we iets anders bedenken. We hebben nog even.

PS Ik had hier nog een foto bij willen plaatsen, maar de techniek laat me even in de steek. De bedoelde foto hangt nog ergens tussen mijn telefoon en de laptop.

Op zijn kop of gekanteld

Tot mijn ongenoegen zie ik dat een aantal foto’s die ik in de berichten plaatste gekanteld of zelfs op zijn kop worden getoond, in elk geval als je via de PC kijkt. Ik heb de berichten via  een app op mijn telefoon geplaatst, en daar werden ze gewoon rechtop getoond, dus ik heb helemaal niet door gehad dat het niet goed was.

Binnenkort ga ik alle blogs samenvoegen tot een chronologisch verhaal, en dan zal ik meteen de foto’s goed zetten, en er waarschijnlijk ook nog een aantal aan toevoegen. Ook voeg ik er dan nog een soort ‘evaluatie’ aan toe.

Dag 22, Avignon!

Zoals gebruikelijk stond ik lekker vroeg, net zes uur in dit geval, naast mijn fiets, klaar voor vertrek. De route liep voorspoedig, en ik reed al snel in een agrarisch gebied met grote zonnebloemvelden en zelfs een paar kleine veldjes met lavendel.

Boomgaarden met appels, peren en abrikozen stonden ook op het programma. Zoals steeds de laatste dagen sloten de bordjes van de Via Rhona goed aan bij het paarse lijntje op mijn telefoon.

Tot dat moment dat het bordje naar links wees en mijn lijntje rechtdoor. Ik besloot mijn lijntje te volgen in het volste vertrouwen dat de routes spoedig weer samen zouden komen. Dat is nooit meer gebeurd. 😊

Mijn vermoeden is dat ik een oude versie van de route heb gevolgd en dat ze om de een of andere, voor mij nog onnaspeurbare reden hebben besloten de VR deels te verleggen. Hoe dan ook, ik kwam gelukkig toch gewoon in Avignon aan.

 

Het waaide weer net zo hard (of mogelijk nog harder) als gisteren. En weer meestal in de rug. Behalve toen ik voor de laatste keer tijdens de tocht de Rhône overstak via een vrij hoge stuw. Daar stond de wind zo hard dwars op de weg dat ik mijn best moest doen niet tegen de reling te fietsen.

Toen ik vervolgens na de stuw rechtsaf ging richting Avignon reeds vrijwel zonder te trappen 30 km/u.

De camping is niet veel soeps. Ik sta op een soort bosgrond met vier tentjes op een plek. Maar ik vind dat ik voor elf euro per nacht maar niet moet zeuren. Bij de buren hebben ze wel gras, maar daar betaal je wel drie keer zoveel voor.

Mensen dit is mijn laatste bijdrage over deze reis. Bedankt voor het lezen en reageren. Als ik weer thuis ben ga ik de boel nog wat redigeren en wat foto’s bijplaatsen. Ook komt er nog wel een soort evaluatie. Au revoir.

Dag 21, niet heet én voor de wind

Het was qua weer inderdaad een heerlijke dag. Pas nadat ik op de camping was aangekomen ging de temperatuur naar boven de 25 graden, maar niet eens heel veel. En die wind, daar heb ik natuurlijk veel mazzel mee. Al een paar weken waait hij hoofdzakelijk uit het noorden en nu ook al een paar dagen vrij stevig. Dat merk je niet zo, totdat de route een slinger landinwaarts maakt en je ook een stukje tegenwind hebt.

Net als gisteren wisselden de linker- en de rechteroever elkaar wat af. Soms heel mooie vergezichten en rotspartijen, maar ook reed ik zo’n beetje langs de voordeur van een kernenergiecentrale. Zo’n ding doet toch wel een beetje apocalyptisch aan, zeker als er van die grote rookwolken uit de koeltorens komen. Het is vast heel veilig, maar ik was blij toen ik er weer een eindje voorbij was. Als hij de lucht ingaat ben ik waarschijnlijk ook waar ik nu zit niet veilig, maar dat idee negeren we maar even.

Ik was van de fietsers als eerste op de camping, dat gaf me het voorrecht het mooiste plekje uit te kiezen. Ik sta onder een boom die deze bloemen heeft;

Wie weet wat het is mag het zeggen. Ze ruiken heerlijk.

Na mij zijn er zeker nog een stuk of vijf, zes tentjes bijgekomen, en tot mijn verbazing waren het allemaal Fransen. Het zal mijn vooroordeel zijn, maar ik dacht dat hier niet aan fietsvakanties gedaan werd. Ik moet toch eens kijken of ik mijn Frans wat kan verbeteren want dan komen we in gesprekken nog wat verder dan uitwisselen dat het eten gesmaakt heeft.

Dag 20, dan weer links, dan weer rechts

Vanmorgen ontdekte ik dat half zes gaan fietsen bijna te vroeg wordt. Voor de warmte is het nog steeds fijn, maar het wordt later licht. Of het is omdat de langste dag al weer een paar weken achter ons ligt, of omdat ik zuidelijker begin te geraken? Mogelijk allebei wat.

Ik hoefde vanaf de camping maar een klein stukje over de weg waarover ook auto’s reden en toen zat ik al op de dijk waar de Via Rhona zich verder voor mij uitrolde. Daardoor kom ik de fietsverlichting uit doen en begon het opladen van mijn telefoon weer. Die was inmiddels naar 37% gezakt. Voor ik een uur verder was stond al weer boven de 80%. Het fietsen ging vlot, ik had goede benen zoals dat kennelijk in de wielrenwereld heet. Toen ik twee uur gefietst had was ik een km of vijfendertig verder en werd het tijd om wat te eten en te drinken.

Zoals de dagtitel al verraadt fietste ik dan weer aan de ene en dan weer aan de andere kant van de Rhône. Dit werd mede bepaald door de aanwezigheid van industriegebieden en de aanwezigheid van geschikte paden stel ik mij zo voor. Het volgen van de Via Rhona is erg simpel. Ik kijk nog wel naar de route op mijn telefoon, maar eigenlijk is hij gewoon heel goed bewegwijzerd. Op sommige wegen waar ook auto’s mogen rijden liep er zelfs een groene onderbroken streep langs de weg om aan te geven dat je nog steeds goed ging.

Na ruim tachtig km (dat waren er tien meer dan Google Maps had gedacht, maar die ging dan ook over de N7, de malloot), kwam ik op de camping aan. En tegen afdracht van € 9,22 mocht ik in een apart hoekje zelf kiezen welk stukje ik wilde bezetten.

Kort daarna arriveerde er een Frans stel, hij op een ligfiets, die uitvoerig met elkaar discussieerden over de gewenste plek. Ik denk dat ze het liefst mijn plekje hadden willen hebben. Later sprak de man, die enigszins Engels sprak, mij aan en raadde me af om de maaltijd op de camping te gebruiken. Het was veel en vet geweest. Hij vertelde ook dat ze al in mei van huis waren gegaan en pas in oktober weer thuis zouden komen. Dat is nog eens wat anders dan drie weken trekken.

Morgen de een-na-laatste fietsdag. Nog twee dagen van ruim zestig km gok ik. En dan nog een paar dagen toerist zijn in Avignon.

Nog een foto? Ja natuurlijk. Vanmorgen een mooi uitzicht over de Rhône. Ik blijf ervan houden, kronkelende rivieren.

Dag 19, dagje niksen

Toen ik van de vorige camping vertrok had ik mij voorgenomen een dag extra op de volgende te blijven als het er een beetje fatsoenlijk uitzag. Dat is een rekbaar begrip maar ik vond het prima zoals het er lag. Mijn plek is een groot deel van de in de schaduw te bezitten, hooguit een beetje jammer dat er bijna geen gras groeide.

Veel gelezen vandaag, vanmorgen nog een paar boodschappen in het nabijgelegen dorp (loopbare afstand) en de was gedaan!

Waar een fiets al niet goed voor is.

Verder valt er over deze dag niet veel te melden. Ja de voetbalvrouwen verloren van de USA. Niet veel mensen zullen er echt verbaasd over geweest zijn.

Oh, en die bui gisteravond. Die was wel even hevig. Flinke ontladingen en gedonder en een leuke sloot water. Tijdens het hoogtepunt stond ik inderdaad bij het sanitairgebouw. Dat voelde toch iets veiliger.

Vandaag zijn er drie druppels gevallen en heeft het wat gerommeld. Volgens Météo-France was dat het voorlopig weer.

Morgen weer fietsen, en het blijft warm, dus vroeg op pad.

Dag 18, langs de Rhône deel 1

Nadat ik gisteravond in de stad even wat gegeten had ben ik op mijn warme kamer nog wat aan het puzzelen geweest hoe ik de resterende kilometers naar Avignon zou gaan indelen. Ik was er nog niet klaar mee toen ik zo’n beetje instortte. Ik vlijde me neer op het bed, en voor ik het wist was het een uur of vijf. Nog steeds warm en benauwd en waarschijnlijk als gevolg daarvan ook hoofdpijn. Ik ben mijn boeltje gaan inpakken, drie keer gecheckt of ik echt alles had (dat is op een camping toch duidelijker, dan is je plek leeg) en me bij het hostel afgemeld. Ja, ik was ook verbaasd dat dat zo vroeg kon, maar dat hadden ze me gisteren verzekerd en dat bleek te kloppen.

Langs de linkeroever van de Rhône reed ik richting de Confluence, de plaats waar de Saône en de Rhône met elkaar versmelten. Op die plek is ook een museum gebouwd, een bijzonder gebouw, maar daar was het uiteraard nog te vroeg voor.

Ik kan me niet herinneren dat ik tijdens mijn fietsreis zoveel (vooral rode) verkeerslichten was tegengekomen als tijdens de eerste vijfentwintig km van deze dag. Ik moet toegeven dat ik er wel enkele, wegens gebrek aan medeweggebruikers, heb genegeerd. Maar op een gegeven moment, na een uitstapje meer naar het binnenland ( en dus omhoog) werd het weer mooi en reed ik langs boomgaarden met rijpe abrikozen en zag ik verderop, hoger op de heuvels, weer wijngaarden liggen. Uiteindelijk kwam ik weer direct aan het water te rijden.

Zoals hier, met Vienne aan de overkant.

Na vrijwel precies 60 km kwam ik aan bij La Lône, de camping van vandaag. En ook van morgen, want ik heb besloten hier een dag extra te blijven. Ik hoef pas vandaag over een week in Avignon te zijn, dus tijd zat.

Het was hier toen ik aankwam erg warm en benauwd. Inmiddels is het iets beter te doen. Het schijnt dat France Meteo code oranje heeft afgegeven ivm regen, hagel en onweer. We gaan het zien, als het me te dichtbij komt ga ik wel in het restaurantje of andere ‘echte’ gebouwen schuilen.

« Oudere berichten

© 2020 Onderweg

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑