Page 3 of 53

Dag 7, naar de camping die geen camping is

Thuis al had ik contact opgenomen met de eigenaars van b&b Le Paradis in Buxerulles. Naar verluid zou je voor een geringe vergoeding bij hun in de boomgaard mogen kamperen. En als je wilde kon je ’s avonds voor 27,50 bij hun aan tafel voor een viergangendiner. Dat leek me wel wat.

Doordat ik niet in Charny kon kamperen was ik vanuit Verdun al dichter bij de bestemming dan ik tevoren bedacht had. Gezien de warmte vond ik dat geen probleem.

De route was niet heel spectaculair en op het laatst zelfs nogal vermoeiend, want vanuit Saint-Mihiel was het vanuit het Maasdal constant klimmen tot een hoogte van zo’n 380 meter. Zo hoog was ik nog niet deze reis. Het gaat zeker nog hoger worden, maar niet de komende dagen al.

Net in Saint-Mihiel ontwaarde ik een bakker met een terrasje. Daar zouden er meer van moeten zijn!

Ik werd hartelijk ontvangen door Annelies en Cees, ik kreeg te zien waar ik mijn tentje mag opzetten (straks, als het wat afgekoeld is) en waar de overige voorzieningen waren.

Ik heb nog wat zitten puzzelen of ik de route nog zal aanpassen vanwege de warmte, maar ik laat het maar zoals het is. Morgen proberen om half zes op de fiets te zitten.

Dag 6, rustdag

Dat kunnen we kort houden, ik heb niet veel gedaan. In de ochtend een wasje. Het weer was zo droogzaam dat ik het wel aandurfde om mijn beide fietsonderbroeken tegelijk nat te maken.

Ik had al lopen spieden wie ik zou aanspreken, want ik wilde mijn powerbank weer even goed opgeladen hebben. Mijn telefoon wordt meestal tijdens het fietsen goed opgeladen, maar mijn Garmin horloge loopt ook op stroom, en terwijl ik dit verslag tik raakt mijn telefoon toch ook weer leger.

“Mag ik u wat vragen?”

“U mag alles vragen”

Zo begon het, en voor ik wist zat ik bij Jan en Mathilde uit Hummelo op de koffie. Later in de middag werd ik ook nog uitgenodigd voor een biertje. Volop genoten van de Achterhoekse gastvrijheid en we hadden het gezellig met elkaar.

Verder gelezen en aan het eind van de dag nog even naar downtown Verdun gewandeld.

Dag 5, de niet-bestaande camping

Hè? Die titel hadden we toch gisteren ook al?

Vanwege aangekondigde warmte leek het me een goed plan om vroeg op pad te gaan. Ik was mooi op tijd wakker. Zo op tijd dat ik de zon achter de heuvels zag opstijgen.

Om even na zessen zat ik op de fiets en maakte kennis met het golvende landschap van die dag. Er werd veel gegolfd en er zaten pittige klimmetjes bij, en ik moet bekennen dat ik, toen er kort na een pittige meteen een nog pittiger volgde, even een stukje moest lopen. Ik zeg het niet en ik doe het niet graag, maar ik mag het ook niet mooier voorstellen dan het is.

Ik was al vanaf dag twee steeds een groepje van twee meisjes en een jonge man tegengekomen. Om beurten haalden we elkaar in, soms een keer, soms twee keer op een dag. Ik had steeds getwijfeld aan hun nationaliteit. Soms klonk het Nederlands, maar soms ook ‘anders’. Vanmorgen zat ik aan het ontbijt in de schaduw van een kerkje toen ze er weer aankwamen en het voorste meisje riep “oh nee hè”. Dat was duidelijk. Zij vroeg nog in het voorbijgaan of ik naar Barcelona aan het fietsen was en daarna waren ze weer weg. Later haalde ik ze weer in, en kennelijk vertrokken zij snel daarna ook weer want een van de meisjes reed ineens naast. We kletsten wat. Zij wilden inderdaad naar Barcelona fietsen, maar ze leek nog wat twijfels te hebben of dat wel ging lukken.

Later kwam de jongeman van het gezelschap naast me fietsen. Hij sprak Engels! Ah, mijn twijfel klopte dus wel. Hij kwam uit Brazilië, en dat andere meisje dat kennelijk zijn vriendin was geloof ik ook. Zij studeerden in Rotterdam, het Nederlandse meisje woonde daar ook.

Ineens liet hij zien dat hij zijn stuur op en neer kon bewegen en vroeg of ik iets bij me had waarmee dat gemaakt kon worden. Ik vermoedde van wel en op een geschikte plaats stopten we even. Zoals ik al vermoedde was het euvel met een inbussleutel te verhelpen. Hij blij en ik een goed gevoel. 🙂

Daarna heb ik ze niet meer gezien en het is ook maar de vraag of dat nog zal gebeuren aangezien ik morgen een rustdag heb en zij pas later.

Rond half twaalf ontdekte ik bij een controle dat de camping waarnaar ik onderweg was dit jaar ‘wegens werkzaamheden’ gesloten was. (De titel!) Daar baalde ik van maar je doet er niks aan. Er was op vijf km een camping die we open was, en je had de camping in Verdun. Die wilde ik wel, maar ik vond het te ver.

De kleine camping waar ik uitkwam had achterin een klein veldje (in de volle zon) en daar ging ik een poosje in het randje schaduw zitten. De beheerder was er niet en ik vond het nog te warm om de tent te gaan opzetten. Zo zat ik een poos en ik begon me steeds meer te realiseren dat ik niet blij was met de camping. Ik zocht nog eens uit hoever Google dacht dat het naar de camping van Verdun was. Negentien km? Ik doe het gewoon! En daar ging ik weer.

Onderweg heb ik menigmaal getwijfeld aan deze beslissing. Het was natuurlijk was en er zaten flinke stijgingen in de weg en als klap op de vuurpijl zat er een stevige heuvel in met een weggetje van steenslag dat ik dapper begon te bestijgen, maar na enige tijd trok ik het niet meer. Dus ik ging lopen (teruggaan vond ik op de een of andere manier geen optie) en ook dat was zwaar. Geregeld schoten mijn voeten of de fiets door de steenslag weg. Er was nergens schaduw, pas vlak voor de top een paar boompjes. Daar maakte ik deze foto:

De heuvel af was ook nog geen sinecure want je kunt niet in een stevig tempo met steenslag naar beneden. Althans, ik vind dat niet handig. Uiteindelijk op de camping bij Verdun aangekomen en daar zit ik op een mooi plekje, met schaduw, dit stukje te fabriceren.

Afstand 88 km, totaal 466 km

Dag 4, de niet-bestaande camping

Lekker geslapen en op tijd op. En behoorlijk fris, al kan ik me dat terwijl ik dit zit te tikken nauwelijks meer voorstellen. Om kwart over zeven zat ik op de fiets en begon aan een dagje Maas/Meuse. Dan weer links, dan weer rechts, dan weer naast een kanaal dat parallel aan de Maas liep om de sluisfunctie te bieden. Doordat er nogal wat stuwen zijn is er geen grote scheepvaart meer mogelijk en voor de pleziervaart (en wellicht ook kleinere beroepsvaart) hebben ze dus die kanalen met sluizen.

Het eerste uur was best fris en ik was blij met mijn fleecevest. Ik vond het bijna jammer dat mijn handschoenen onderin mijn slaaptas zaten. Maar na dat eerste uur was het leed geleden en werd het steeds warmer. Je kunt je afvragen of het nou leuk is, steeds maar die Maas, maar ik hou er wel van. Hij slingert zich door het landschap dus je kunt meestal niet ver kijken. Niet zoals, om maar een voorbeeld te noemen, de Zuid-Willemsvaart.

Zo ziet dat er dan bijvoorbeeld uit.

Bij Charleville-Mézières twijfelde ik of ik de stad nog in zou gaan. Ik was het wel van plan maar wilde even checken hoever het nog was naar de volgende camping in Sedan. Vertelde Google mij toch dat die camping gesloten was! Naarstig gezicht naar een alternatief en kwam op Douzy uit. Met veertien km niet heel veel verder, maar het was toch even een teleurstelling. En het ligt een stukje van de route af, maar goed, shit happens zeggen we dan, als we morgen de weg die voor de camping langs loopt verder volgen kom ik weer heel dicht bij de route uit.

Afstaand 98 km, totaal 378 km.

Dag 3, vroeg klaar

Ik was vroeg wakker en had om zeven uur op de fiets kunnen zitten, maar de Delhaize in Dinant ging om acht uur open en ik wilde ze nog even in de gelegenheid stellen om croissantjes te bakken.

De route langs de Maas tussen Profondeville en Dinant is mooi en meestal goed fietsbaar. Zelfs het lange stuk met kinderkopjes dat ik vijf jaar geleden nog getrotseerd had was nu geasfalteerd. Hoewel, toch niet overal. Of ze nog op zoek zijn naar het resterende budget of dat het erfgoedgevoel toch hier en daar toch te overheersend was weet ik niet, maar er waren toch nog wat stukken waar je vullingen bijna uit je kiezen rammelen.

Na de boodschappen ging het verder langs de Maas, soms wat meer landinwaarts wat met het nodige geklim gepaard ging. Niet erg, een beetje trainen voor wat er nog komen gaat is juist wel goed.

En ineens was ik in Givet, en dat ligt zoals iedereen weet in Frankrijk. Geen grens gezien, maar wel al spoedig een kerncentrale.

Zoals algemeen bekend worden die graag aan de grenzen geplaatst.

Kort na dit uitzicht volgde de heftigste klim van de dag, maar amechtig hijgend wist ik toch fietsend boven te komen.

De geplande eindbestemming was de camping bij Fumay, getuige de recensies die ik vond met een wat twijfelachtige reputatie. Maar vijf km daarvoor passeerde ik een camping die er zeer agréable uitzag, en toen was het pleit snel beslecht. Hetgeen wel betekent dat ik die vijf km morgen nog moet rijden. Geplande eindbestemming is dan Sedan, maar je weet het maar nooit.

Afstand 70 km, totaal 280 km

Dag 2, Op herhaling

  • Vijf jaar geleden maakt ik mijn eerst solofietstocht, naar Parijs. De etappe van vandaag maakt gebruik van exact dezelfde route, pas morgen, na Dinant gaat het een andere kant op. Gelukkig waren er hier en daar wegopbrekingen dus helemaal precies hetzelfde was het toch niet. Er waren stukken die ik me goed herinnerde, maar evenzogoed situaties dat ik me stomverbaasd afvroeg of ik daar echt eerder geweest was.
  • Wat ik me goed kon herinneren was de langdurige afdaling naar Namen. Ik wist alleen niet meer wanneer hij begon. Ik kon me het gevoel van euforie nog goed herinneren. Je hebt de hele dag regelmatig vals plat omhoog gereden en je hebt er eigenlijk wel een beetje genoeg van, en dan ga je zomaar, gratis en voor niks, tijdenlang alleen maar naar beneden.
  • Na Namen kom je langs de Maas (Meuze) te fietsen. Breed en prachtige rotspartijen.
  • Dat is voor een eenvoudige, uit de klei getrokken Hollandse jongen weer even mooi om te zien.
  • De eindbestemming vandaag was de camping bij Profondeville. Die bleek onhandig hoog te liggen. De weg er naartoe was dermate steil dat ik moet bekennen het laatste stukje gelopen te hebben. Dat belooft nog wat.
  • Na een hoofdzakelijk grijze dag met zo nu en dan een licht buitje was het inmiddels zonnig geworden. Dat kwam prima uit want mijn tent was nog kledder.
  • Afstand 98 km, totaal 210 km
  • Dag 1, Op naar de route

    De voorgaande dagen druk geweest met het bij elkaar zoeken van alle spullen. En vooral ook met het peinzen over wat ik wel en niet mee zou nemen.

    Vanmorgen was ik om vijf uur op, wat voor mij zelfs nog wel een soort van uitslapen was. Fiets voor het huis zetten, en o ja, nog even de druk van de banden controleren (er mocht wel wat bij) en o ja, ik wilde de voordragers eraf halen (want ik zou ze toch niet gebruiken en anders moet het bij de bus in Avignon), en na nog een paar o ja’s was ik klaar om te vertrekken. Uitgezwaaid door mijn liefhebbende vrouw reed ik de straat uit.

    Het was zonnig, al een graad of achttien en weinig wind. Toen ik eenmaal het Hollands Diep was overgestoken had ik echt het gevoel dat ik op pad was. Inmiddels begonnen zich achter mij wel donkere wolken samen te pakken. Ik dacht eerst nog dat ik er goed af kwam, maar in Terheijden aangekomen vielen de eerste druppels. Dat duurde gelukkig niet lang, en na een bezoek aan de plaatselijke bakker ging het verder naar Breda. Daar herhaalde zich het stramien: donkere wolken die eerst langs lijken te trekken maar uiteindelijk toch nattigheid geven. En deze keer viel het niet mee. Harde regen, felle flitsen en harde donderslagen. Gelukkig zat ik binnen aan de koffie, maar een beetje nat.

    De rest van de fietstocht bleef het droog.

    Bij de grensovergangen bij Baarle Nassau (want de grens loopt daar zo grillig dat je hem meerdere keren passeert) vond ik mijn eerste fietspad op een voormalige spoorbaan. Er zullen er meer volgen.

    In de loop van de middag begon het drukkend warm te worden en de belofte die dat inhield werd een half uurtje na mijn aankomst op de camping ingelost. Harde regen en stevig onweer wederom. Toen het zo goed als droog was snel de tent opgezet, met als resultaat een redelijk vochtige binnentent. Jammer, maar inmiddels begint het weer te drogen.

    Afgaande op Weeronline staat me de komende nacht nog wel wat te wachten maar morgen zou het droger moeten worden. Een enkele bui, maar geen onweer meer. We gaan het zien.

    Morgen pak ik bij Diest de route van Paul Benjaminse op. Voorlopig richting Namen, ik passeer dus ook de taalgrens, en de bestemming voor morgen is de camping bij Profondeville.

    Vandaag gefietst 112 km.

    Zondagmiddagritje

    Nu het moment van vertrek steeds dichterbij komt wordt ook de drang om kilometers te maken groter. Het beloofde mooi weer te worden, hooguit een beetje winderig, dus gisteravond al een route uitgezet. Vanuit mijn woonplaats Dordrecht door de Kiltunnel naar de Hoeksche Waard. Op het Garminplaatje zie je grofweg wat de route was.

    Dat beetje winderig was wel een understatement, en het werd ook steeds sterker. Toen ik op het punt stond om de Haringvlietbrug te gaan bedwingen zag ik dat de wind inmiddels een kracht zes had.

    Maar toen ik eenmaal aan de andere kant was ‘geland’ begon het feest voor de wind.

    Willemstad was ik volgens mij nog nooit geweest en dat was een leuk plaatsje om te bezoeken. Merkwaardig genoeg stonden er bij de de ingangen van het oude vestingdeel verkeersregelaars er voor te zorgen dat er geen auto’s binnen de vesting kwamen. Het was me niet duidelijk of ze dat altijd doen, of alleen bij bijzondere gelegenheden. En in het laatste geval heb ik dan vermoedelijk de bijzondere gelegenheid gemist.

    Even na Willemstad kwam ik deze merkwaardige berg tegen. Het bleek een kunstuiting te zijn en in 2001 aangeboden aan het toenmalige Hoogheemraadschap, tegenwoordig Waterschap Brabantse Delta.

    De schapen waren zo te zien wel blij met het object. Volgens een bord dat erbij stond mocht ik er zelf ook op klimmen, maar daar heb ik vanaf gezien.

    Na nog een kleine dwaalpartij op het industrieterrein Moerdijk die dankzij Google Maps uiteindelijk weer hersteld werd, reed ik daarna met gezwinde spoed door het dorp Moerdijk om uiteindelijk uit te komen bij de bruggen die naar het dorp vernoemd zijn. Toen was het niet ver meer. Fijn tochtje, niet eens zo heel moe, maar wel voldaan.

     

    Nog ruim dertig nachtjes slapen …

    … en dan vertrek ik voor een fietstocht van ruim vijftienhonderd kilometer. Ik hoop dan iets meer dan drie weken later in Avignon aan te komen, alwaar ik met de bus van de firma Cycletours weer richting huis ga.

    Voor de routebeschrijving maak ik grotendeels gebruik van de boekjes (twee stuks) van Paul Benjaminse naar Barcelona. Deze hebben als startpunt Eindhoven, maar het lijkt me veel leuker om gewoon vanuit Dordrecht weg te fietsen. Ik heb een stuk route zelf gemaakt, nou ja, ik heb de website van http://brouter.de dat grotendeels laten doen, om me van mijn huisadres bij de echte route in de buurt van Diest te brengen.

    En aangezien ik niet naar Barcelona wil maar naar Avignon moet ik tijdig afslaan. Ook hierin word bijgestaan door de heer Benjaminse. Hij heeft bij Saint-Ambroix een aftakking van de hoofdroute gepland, en vanaf daar is het dan nog een kilometer of tachtig naar Avignon.

    De komende weken zal ik zo nu en dan wat berichten plaatsen om mijn lezers (zijn die er wel?) en mijzelf wat meer in de stemming te krijgen. Nou is dat voor mij eigenlijk niet nodig, maar voor u, de lezer, mogelijk wel.

    3000, 4000, 5000 en 6000 km

    Mijn blog heb ik schandalig verwaarloosd. Niet dat dat echt erg is, maar nu er een nieuwe fietsvakantie aan zit te komen heb ik toch weer de behoefte er iets mee te doen. Eerst maar eens het duizendtallenproject bijwerken.

    Het 3000 km punt kwam voorbij op 3 juni 2018 tijdens een ritje op het Eiland van Dordrecht. Of ik dat ritje ging maken om dit punt te passeren weet ik niet meer.

         

     

     

     

     

     

     

    Op 2 augustus, tijdens onze hete zomervakantie, werd tussen Exmorra en Bolsward het 4000 km punt bereikt. Als je goed kijkt zie je in de achtergrond het kerkje van Exmorra.

     

     

     

     

     

     

    En toen ik begin oktober een driedaagse tocht via Ellemeet en Katwijk naar Haarlem maakte was ik nog maar net op Flakkee aangekomen toen het g000 km punt zich aandiende. Ik had kort daarvoor in de Hoeksche Waard nog in de miezerregen gereden, maar inmiddels was de zon doorgebroken.

     

     

     

     

     

     

    En tenslotte ben ik op 11 februari uit mijn werk via een omweg (Ridderkerk, brug over Noord, Sliedrecht) naar huis gegaan omdat ik anders net als bij de eerste foto uit de serie een foto in het donker had moeten maken. Dat ziet er toch minder leuk uit. Voor wie het niet herkend, dit is in Sliedrecht.

     

     

     

     

     

     

    Het 7000 km punt zal ik waarschijnlijk een van de komende weken bereiken. Stay  tuned!

    « Oudere berichten Nieuwere berichten »

    © 2020 Onderweg

    Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑