Pagina 2 van 62

Rondje NL 2023, dag 4

Dankzij de vogelpopulatie op de camping van Vollenhove was ik vanochtend als om vier uur wakker. Hoewel ik vroeg op pad wilde gaan vanwege de warmte (tropenrooster!) vond ik dit toch wel een beetje gortig. Nog ruim een half uur dommelen en toen toch maar in beweging. Om kwart voor zes zat ik op de fiets, en nog een kwartier later was ik vliegen aan het happen. Niet letterlijk, want ik hield mijn mond dicht, maar wat een wolken met vliegjes. Toen het fietspad eindelijk van het kanaal afboog was het voorbij. Toen eerst maar eens grote schoonmaak gehouden. Shirt uitgewapperd, helm leeggemaakt. Nog een tijdje voelde ik gekriebel, maar het was het soort gekriebel dat je voelt als iemand het over luizen heeft. Fantoomkriebel.

Ik kwam geleidelijk dichter bij Steenwijk, en dus op bekend terrein, want we hebben meerdere keren daar in de buurt gekampeerd. Maar voor het zover was moest ik eerst nog een zandpad trotseren dat zo mul werd dat ik mijn fiets alleen nog maar lopend kon voortduwen. Veel meer dan een paar honderd meter zal het niet geweest zijn maar het was wel zwaar.

De verdere fietstocht verliep eigenlijk best vlot. Grappig was nog dat ik tot twee keer toe met een pontje moest oversteken terwijl ik dat niet aan had zien komen. Was wel een leuke onderbreking. Bijzonder was dat bij het eerste pontje bij voorkeur gepind moest worden terwijl je bij de tweede alleen maar contant kon betalen.

Toen ik bij de camping aankwam was het opvallend rustig (lees: er was niemand). Het bleek dat ze dit jaar alleen tijdens de zomervakantie open zijn. Het stond in het campingboekje zei de man. Zal vast, maar ik had in juni geen aanleiding gezien om de openingstijden te checken. Dat doe je eigenlijk alleen als je heel vroeg of juist heel laat in het seizoen gaat kamperen. Gelukkig was er een alternatief op minder dan een kilometer afstand.

Morgen naar Groningen (de provincie, de stad schamp ik in het noorden), als het goed is de laatste keer alleen maar tegenwind.

Rondje NL 2023, dag 3

Tot het moment dat ik wegreed uit Zeewolde wist ik nog niet of ik nou wel of niet naar Urk zou gaan. Deze plaats die in de Noordoostpolder ligt is wonderlijk genoeg een zelfstandige gemeente. Wellicht zijn daar in het kader van de inpoldering ooit afspraken over gemaakt. Maar als je, zoals ik, in alle Nederlandse gemeenten gefietst wil hebben, dan hoort Urk er natuurlijk wel bij. En hoewel het een behoorlijke omweg was zou ik er niet snel weer zo vlak in de buurt komen.

Dus toen het fietsen goed bleek te gaan, ging ik er voor. Ook deze route had ik gepland met het wandelprofiel, dus ik moest geregeld goed uitkijken dat ik alternatieve fietsroutes nam.

Ik geloof niet dat er in Flevoland in het buitengebied ergens een locatie te vinden is waar je geen enkele windmolen ziet. En jammer voor mij, maar er was genoeg wind om ze lustig te laten draaien.

Om in de Noordoostpolder te komen moet je de Ketelbrug over. “De Ketelbrug is de spil in A6” las ik ergens. Maar toen zag ik ineens borden die er op duiden dat de A6 niet toegankelijk was vandaag, er werd aan de brug gewerkt. Oh jee, gold dat ook voor mij. Er stond een jonge vrouw bij de toegang naar de A6 het verkeer tegen te houden. Ik vroeg het haar. Ze wist het niet, maar zou een collega bellen. Helaas, de portofoon deed het niet, maar haar mobiel gelukkig wel. Fietsers mochten wel over de brug! Driewerf hoera, want het was natuurlijk geen optie om via Kampen om te rijden, zoals de automobilisten kregen geadviseerd.

Over de brug langs de dijk naar Urk. Aardig plaatsje, maar ook weer niet heel bijzonder. Indrukwekkend was het monument voor de op zee gebleven vissers met alle namen en leeftijden.

En toen moest ik nog naar Vollenhove. Het viel me zwaar. Lange rechte stukken, vaak in de volle zon, en steeds de wind tegen. Ik kwam afgepeigerd op de camping en besloot spontaan morgen een rustdag in te lassen. De camping is leuk, helaas wel aan een drukke weg, en ze hebben een broodjesservice, morgenochtend croissantjes!

De foto’s houden jullie tegoed, het uploaden gaat veel te traag.

Rondje NL 2023, dag 2

Om ongeveer half acht zat ik weer op de fiets. Daar hoefde ik geen wekker voor te zetten, ik sliep prima, maar was toch weer goed op tijd wakker. Een paar km na de start stond ik al bij het pontje dat me over de Ringvaart ging zetten. Aardige man die het kleine veer bediende. Hij wenste me nog een goede reis en “doe voorzichtig”.

Ik weet dat de eerste routes die ik voor dit rondje gemaakt heb per ongeluk voor wandelaars zijn. Dat zorgt ervoor dat ik soms ergens moet fietsen waar dat niet handig of zelfs verboden is. Ik ben er inmiddels op bedacht en probeer te anticiperen. Maar soms leidt dat tot betrekkelijk grote omwegen en dan kies ik er ook wel voor om een stukje te wandelen. Zoals bijvoorbeeld de voetbrug door de Ouderkerkerplas. Die was lang en smal (zie foto) en ik vond het helemaal niet erg om daar niet te fietsen.

Ik was blij toen ik eindelijk het drukke gedoe van Groot Amsterdam achter de rug had. Waar ik erg van genoten heb waren de Ankeveense plassen. Er ging een fietspad (jawel!) dwars over/door de plassen. In Ankeveen (nog nooit geweest volgens mij) ging ik op een terras zitten. Er was nog een tafel bezet met twee heren en een dame. Nadat de dame vertrok bleek uit het gesprek (sorry, ik ben geen luistervink, maar ze spraken luid en duidelijk) dat de ene man de eigenaar was van de zaak en de ander (denk ik) de chefkok. Ze hadden het over een andere collega, de souschef, die kennelijk niet voldeed in de ogen van de baas. Dat was nog tot daaraan toe, maar toen kregen we een changement, de chefkok werd vervangen door de beklaagde souschef, en toen volgde gewoon een openbaar beoordelingsgesprek. Ik was weliswaar de enige getuige, maar ik vond het toch erg ongepast.

Door naar Bussum en Huizen en vandaar de Stichtse Brug overgestoken. Ik fietste voor het eerst van mijn leven in Flevoland. Het was er eigenlijk te warm voor.

Tegen half vier was ik op Natuurcamping Dasselaar, bij Zeewolde. Lekker plekje, fijne sfeer. Morgen weer verder. Ik had gepland om eerst naar Urk te gaan (ook nog nooit geweest) en daarna naar Vollenhove (daar wel), maar het kan zijn dat ik Urk bewaar voor een andere keer. Ik wil in elk geval vroeger op pad dan vandaag.

Rondje NL 2023, dag 1

Eigenlijk zou ik dit jaar naar mijn naar Frankrijk geëmigreerde broer en zijn vrouw fietsen, maar toen ik de data concreet wilde gaan bepalen ontdekte ik dat er deze zomer nergens een gat van ruim drie weken zat waarin ik de tocht zou kunnen maken. Jammer, maar dat plan gaat dus naar volgend jaar.

Het rondje NL dat ik nu bedacht heb komt brengt me op allerlei plekken waar ik nog niet eerder gefietst heb. Al geldt dat niet voor de laatste kilometers voor ik bij de camping was. In mijn middelbare schooltijd bezocht ik geregeld Schiphol, en ik deed dat meestal op de fiets (een km of dertig vanaf Leiden waar ik woonde). Ik ging dan ofwel dwars door de Haarlemmermeerpolder, of ik ging langs Oude Wetering om mijn medespotter Leo op te halen. Die route voerde dan langs de Westeinder Plassen. Of de camping waar ik nu sta er toen ook al was weet ik niet, maar de vergane staat van het sanitair suggereert van wel.

Het is niet typisch het soort camping waar ik bij voorkeur overnacht. Hoofdzakelijk stacaravans, allemaal op hun eigen stukje grond, met hekken en bossages eromheen. Ik kreeg nog op mijn kop van mijn achterburen, want ik had mijn fiets aan hun hek vastgemaakt. Ik had me totaal niet gerealiseerd dat dat privéhekken waren, hetgeen de buurman niet kon begrijpen. Hij was echt ‘pissed’. Nou ja, ik heb braaf mijn fietsje verplaatst en morgen ben ik weer weg.

De fietstocht verliep prima, al miste ik wel net mijn pontje naar Papendrecht, en bleef de volgende die een minuut of tien later zou gaan, nogal lang liggen. Bij navraag bleek er aan de overkant een elektrische waterbus te liggen die eerst opgeladen moest worden voor hij weer verder kon. Het was een dag met behoorlijk wat wind uit het noorden, helaas net de kant die ik op wilde. Om mijn knie, waar ik eerder dit jaar last van had, en die nog steeds niet helemaal honderd procent is, niet te veel te belasten deed ik het rustig aan. Aan de Zegerplas bij Alphen aan den Rijn dronk ik wat en at een tosti, en verbaasde me over het uitzicht over het water. Als kind kwam ik wel in Avifauna, en dat was Alphen volgens mij, een dorp met een attractie. Maar als je nu naar al die hoogbouw aan de overkant van de plas kijkt lijkt het wel allure te hebben. Maar misschien is het in feite nog steeds een dorp met een attractie. Oh nee, in elk geval twee, want het Archeon zit er ook.

Het laatste memorabele wat ik nog kwijt wil is dat ik door Rijnsaterwoude kwam, een dorp waar de voorouders van mijn oma van moederszijde vandaan komen, of toch in elk geval gewoond hebben. Ik moet nog eens uitzoeken of daar ook adressen van bekend zijn.

Dagelijkse wandeling, eerste maand

Vlak voor de jaarwisseling zag ik een bericht van iemand dat verwees naar de #100DaysOfWalking, een ‘challenge’ afkomstig van een Amerikaanse site die (de challenge, niet de site) er op gericht is om je dagelijks minstens een half uur te laten wandelen. Nou wandel ik wel graag, en ook ben ik wel gevoelig voor challenges. Dus ik besloot snel dat ik er wel aan mee wilde doen. Nou ja, meedoen, je hoefde je, zover ik kon vaststellen, nergens aan te melden, you’re on your own. Om mezelf toch een beetje onder druk te zetten plaats in alle wandelingen met de al genoemde hashtag op Strava. Voor mij is een half uur wandelen niet echt een uitdaging, dus ik heb het iets verzwaard door uit te gaan van een gemiddelde over een maand van minstens 5 km per dag.
En eigenlijk is het tot nu toe best goed gegaan. Vandaag was nog de lastigste dag, want ik voelde me niet helemaal lekker. Gisteravond begon ik ineens erg te snotteren, hetgeen er voor zorgde dat ik slecht sliep, en toen ik vanochtend uiteindelijk wakker werd had ik stevige hoofdpijn. Met behulp van twee paracetamollen zakte dat wat, en zo kon ik toch nog een wandeling maken.

De eerste maand zit er nu op, even wat cijfers:

228,1 km gewandeld, dat is gemiddeld 7,4 km per dag (dus doel gehaald),
ik deed er 45 uur, 38 minuten en 47 seconden over (zegt Strava), dat is net geen 5 km/u,
volgens mijn Garmin horloge zette ik deze maand januari 421.539 voetstappen neer,
dit is het hoogste maandaantal sinds ik dit horloge heb (april 2016)

Voor wie me op Strava wil volgen:
https://www.strava.com/athletes/6227911

Huttentrektocht met De Wereldfietser

Ik ben al dik tien jaar lid van vereniging de Wereldfietser, maar nog nooit had ik meegedaan met een activiteit. Vaak vinden die activiteiten plaats aan het begin of einde van een schoolvakantie, en dan hebben we vaak al andere plannen. Bovendien heb ik me ook vaak afgevraagd of ik het wel leuk zou vinden om met een hele club mensen op pad te gaan. Het is tenslotte ook niet voor niks dat ik er voor kies om mijn fietsvakanties alleen te doen.

Maar deze keer vond de jaarlijkse (denk ik) huttentrektocht plaats in het laatste weekend van de herfstvakantie, en had Suzemarie voor dat weekend al andere plannen. Dat maakte de weg vrij, en ik dacht: ach kom, een groep is misschien wel ‘heftig’ maar het zijn maar een paar dagen, dat kan ik wel, en wie weet, vind ik het zelfs wel leuk.

De naam Huttentrektocht dekt de lading maar gedeeltelijk. De meeste deelnemers kamperen, maar voor wie wilde waren er twee trekkershutten met elk vier bedden beschikbaar.

De trektocht begon zaterdag in Steenwijk en eindigde daar ook weer de volgende dag. Wie wilde kon vrijdagavond al naar camping De Meppelerweg komen, en daar maakten aardig wat mensen ook gebruik van. Ik was van plan geweest om met de fiets in de trein tot Zwolle te reizen en van daar met een mooie omweg naar Steenwijk te fietsen, maar onvoorziene omstandigheden verhinderden dat. Uiteindelijk ben ik er met de auto naartoe gegaan, die kon ik gelukkig het weekend op de camping achterlaten.

Ik was benieuwd hoe groot het ons-kent-ons-gehalte zou zijn, ik wist dat er redelijk wat mensen voor de zoveelste keer deel zouden nemen, was er dan nog wel ruimte en aandacht voor nieuwelingen zoals ik. Dat viel reuze mee. Uiteraard is het onvermijdelijk dat mensen die elkaar al langere tijd kennen naar elkaar toe trekken, maar ik werd beslist niet genegeerd. 🙂
Een van de deelnemers zei dat hij wel zin had om naar het pannenkoekenhuis in de buurt te gaan, en na een korte aarzeling (we hebben daar een keer onfatsoenlijk lang op onze bestelling moeten wachten) besloot ik mee te gaan. En ja, heel snel stond de bestelling niet op tafel, maar het was wel smakelijk, en we hadden het gezellig, dus heel storend was het deze keer niet.

Dit weekend stond voor mij ook in het teken van mijn nieuwe slaapzak. Onderweg naar Rome had ik het tijdens frisse nachten wel wat koud gehad, dus het werd tijd voor iets nieuws. De geadverteerde comforttemperatuur was 0 graden, dus dat zou bij niet-winterse omstandigheden goed moeten gaan. Ik maakte de eerste nacht de fout de slaapzak als deken te gebruiken ipv als zak, en dat was niet warm genoeg bleek aan het einde van de nacht.

Het was in eerste instantie mistig zaterdagochtend, dus de tent was kleddernat, maar ik deed de buitentent in een plastic zak die ik altijd voor de doel bij me heb, dus dat zou de nattigheid weg moeten houden van de rest van de spullen.

Rond kwart voor tien vertrokken we met de aanwezigen naar het station van Steenwijk om daar op de overige deelnemers te wachten. Het wachten duurde iets langer dan gepland omdat een paar mensen de aansluitende trein in Zwolle hadden gemist, maar de zon was inmiddels gaan schijnen, dus het was geen straf om er te staan en inmiddels wat namen uit te wisselen. Met in totaal 35 deelnemers was mijn hoofd spoedig te vol om alle naam-gezichtcombinaties op te slaan, maar dat was in de praktijk geen probleem.

Even na half elf vertrokken we, en de eerste kilometers waren denk ik de enige waarbij we als één groep reden. Al spoedig viel het uiteen in kleinere groepjes, en ook die groepjes waren geen statisch gegeven. We fietsten in westelijke richting, door Giethoorn, langs Muggenbeet, passeerden Nederland en zagen Kalenberg voorbij komen. De geplande koffiestop in Ossenzijl viel helaas in het water (niet letterlijk gelukkig), alle horeca was dicht, maar als ‘wereldfietsers’ zijn we uiteraard heel goed in staat om zelf voor ons natje en droogje te zorgen.
Kort na Ossenzijl was een soort keerpunt en zetten we koers naar het oosten. Na het kruisen van de A32 belanden op wat volgens de plaatselijke wethouder enigszins chauvinistisch “het mooiste fietspad van Nederland” werd genoemd. Daar valt uiteraard over te discussiëren, maar mooi was het zeker, kilometers lang langs de Linde. Kort na De Hoeve ontdekte iemand met ik al een tijdje opfietste dat er een boutje ontbrak aan de bevestiging van zijn schijfrem. Terwijl ik hem hielp door de fiets vast te houden probeerde hij om met de aanwezige hulpmiddelen de boel weer vast te krijgen. Dat lukte helaas niet, waarop hij besloot door te rijden naar Noordwolde waar wellicht (en ook feitelijk, bleek later) een fietsenmaker was. Ik fietste vanaf dat punt alleen door naar de camping bij Zorgvlied, ook wel even lekker na enkele uren sociaal zijn. 🙂

Behalve enkele hutbewoners bleek ik de derde kampeerder te zijn die aankwam. Dat had ik niet verwacht. Niet dat het een wedstrijd was uiteraard, maar ik gokte dat de meeste wel voor me zouden zitten. Eric, mijn buurman van de vorige camping, met wie ik was wezen pannenkoeken eten, was er ook al, en zo werden we weer buren. Na het opzetten van de tent bleek hij nog de tweede helft van een fles wijn waar we de dag ervoor al aan begonnen waren bij zich te hebben, en die smaakte, zo lekker in het zonnetje zittend, uitstekend.

’s Avonds aten we met vrijwel de hele groep in het nabijgelegen restaurant. Ik had het gezellig met mijn tafelgenoten, we hadden elkaar genoeg te vertellen. Tegen tien uur (denk ik) was het bedtijd, en met de wetenschap dat we vanwege het ingaan van de wintertijd een extra uur hadden kon het haast niet anders of we zouden fris en uitgerust wakker worden. Dat was bij mij om 6 uur, en dat was dus ‘eigenlijk’ 7 uur. Ik had goed geslapen, in mijn slaapzak deze keer. Ik had het warm genoeg, maar toch vraag ik me af of de slaapzak ook bij temperaturen die naar het vriespunt nog goed genoeg is. Ik zal niet vaak in de winter kamperen, maar ook in voor- en najaar kan het soms ’s nachts behoorlijk koud zijn.

Op zondag, rond een uur of negen, was een clubje van een mens of tien klaar om te vertrekken, en dat deden we dan ook maar. Het was weer een prachtige tocht, dit keer voornamelijk door bossen en over heidevelden. Na een fotopauze was ik mijn groepje ‘kwijt’, maar even voor Diever vond ik ze terug. Deze keer hadden we meer geluk met de horeca, en de koffie met taart (slagroom met appeltaart, in die volgorde) smaakte prima. De dame van het restaurant onderging zuchtend onze wens om allemaal apart af te rekenen. Na Diever waren met een groepje van zes, ik heb geen idee waar de anderen gebleven waren. Het is wel grappig om te merken dat in zo’n klein groepje de dynamiek meteen anders is. Als iemand nu even een foto wilde maken of een plaspauze nodig had werd er wel even gewacht.
Bij het weer binnenrijden van Steenwijk splitste de groep in tweeën, en met de mensen die net als ik weer naar de eerste camping moesten om daar de auto op te halen (of die die kant op woonde) reden we de laatste kilometers.

Dat ik vervolgens nog ongeveer twee uur naar huis moest rijden was jammer, maar onvermijdelijk. Met “Langs de lijn” op de radio kwam ik de tijd wel door.

Het was een fijn weekend, wat mij betreft beslist voor herhaling vatbaar.

Verhuizing van Rome naar Tuoro

Gisteren zoals reeds aangekondigd verhuisd van Roma naar Tuoro. Op mijn gemakje de spullen ingepakt en met een paar andere fietsreizigers bij het zwembad een Italiaans ontbijt genoten bestaande uit een espresso en een cornetto con marmellata, een soort croissantje gevuld met jam.
Ik was een beetje aan het dubben over het tijdstip van vertrek, maar uiteindelijk om half elf, na betaling van de vereiste penningen, op pad gegaan. Terwijl ik bij de receptie stond om te betalen kwam er al weer een nieuwe fietser binnen. Ik ontdekte nog een ongebruikt treinkaartje in mijn zak en die heb ik maar aan hem gegeven. Ik zou er toch niks meer aan hebben.
Via het fietspad langs de Tiber reed ik richting Rome om vervolgens op het pleintje bij de trap in het fietspad even nog een bakje koffie te drinken. Daar trof ik nota bene fietser Henk van wie ik eerder die ochtend afscheid had genomen. Hij ging Rome bezichtigen maar was ook even op het schaduwrijke terrasje neergestreken.
Na nog een tweede espresso nam ik nogmaals afscheid van Henk en liet mijn navigatie-app een route naar station Termini berekenen. Dik zes kilometer. Rome is gebouwd op zeven heuvels en allicht dat je er dan ook een tegenkomt, en inderdaad het ging nog een meter of vijftig omhoog.

Op Termini aangekomen zocht ik een rustig plekje op, toevallig net naast de MacDonalds. Dat was een teken. Ik eet bijna elke fietsvakantie wel een keer (en ook niet vaker) bij de Mac, en het was net zo’n beetje lunchtijd. Dus naar binnen, wat besteld, weer naar buiten, krukje uit de tas gehaald en op mijn gemakje gegeten.
Mijn trein stond nog niet op de borden, maar volgens de app van Trenitalia zou hij vanaf binario (perron) 1 est vertrekken. Hoe kom je daar? Dat was de volgende vraag, maar het bleek zo te zijn dat als je via perron 1 liep en dan nog een halve kilometer (niet overdreven!) je uiteindelijk bij de perrons 1 est en 2 est kwam. Ik haal me dan allerlei muizenissen in mijn hoofd. Wat als er meer fietsen dan plaatsen zijn? Waar bevindt zich het fietsendeel in de trein? Wat als ze vijf minuten van te voren (of korter!) bekend maken dat het toch een ander perron is? Ik lijk vaak wel een rustige, evenwichtige persoonlijkheid maar dat is soms maar schijn.
Uiteraard verliep het allemaal zonder problemen. Ik was de enige fietser, er was plek voor zes of zeven fietsen, het fietsendeel in de trein was snel gevonden en natuurlijk kwam er geen perronwijziging.
De fiets moest je met zijn voorwiel aan een haak ophangen. Ik was blij dat ik net die ochtend de bevestiging van dat wiel nog iets had aangedraaid. Want ik deelde de coupé met een jong gezin (die een taal spraken die zeker niet Italiaans was, eerder iets Slavisch gok ik) waarvan de driejarige dochter steeds aan het rondlopen was. Ik zou er niet aan moeten denken dat mijn fiets bovenop haar zou landen. Maar uiteraard moest ik daar steeds wel aan denken. 🙂
De reis verliep prima en precies op tijd stond ik ruim twee uur en een kwartier later op het aankomstperron in Terontola. Om op straat te komen moest ik een trap (zonder fietsgoot) af, en weer op, maar dat verliep allemaal vlot genoeg. Met behulp van de navigatie-app was de weg naar de camping van Tuoro goed te vinden. Eerste stuk langs een vervelend drukke weg, maar de rest over een mooi gravelpad langs de rand van het meer. De app maakte nog wel een fout door mij rechtsaf over een drukke weg te sturen terwijl die weg een paar meter hoger lag. Vermoedelijk ligt dat niet aan de app maar aan de informatie die in de onderliggende kaart zit. Aan het begin van de avond stond mijn tentje alweer en had ik kennis gemaakt met drie medebusreizigers die hier ook kampeerden. Daar zullen er wellicht vandaag nog wel bijkomen, het is een voor de hand liggende camping, op nauwelijks een kilometer van de opstapplaats van de bus.
Straks wellicht nog even een naburig stadje bezoeken en dan zit de vakantie er goeddeels op.

Site-seeing Roma, dinsdag 28 en woensdag 29 juni

Ik was eerder van plan geweest om de Vaticaanse musea en de Pietersbasiliek te combineren, maar dat bleek toch een beetje te hoog gegrepen. Na de Sixtijnse kapel was ik helemaal afgepeigerd, dus zsm terug naar de camping. Maar eerst nog even naar de supermarkt, salade en yoghurttoetjes gekocht. Terug op de camping werd ik door camperburen uitgenodigd om even een biertje te komen drinken. Dat klonk als een goed idee, vooral toen bleek dat salade en yoghurt zolang bij hun in de koelkast kon. Leuk zoveel gastvrijheid!

De volgende ochtend (gisteren dus) redelijk op tijd naar de stad vertrokken, ik was even na half negen op het Pietersplein met de bedoeling de Pieterskerk te bezoeken. Zelfs zo vroeg stond er al een behoorlijke rij, gelukkig stond de eerste helft in de schaduw. Ik heb het niet getimed, maar ik denk een klein uurtje later was ik binnen.
Wat een imposante, indrukwekkende kerk is dat. Groot, pracht en praal. Als ik dat zie begrijp ik de reformatie wel. 🙂
Maar toch ook mooi, en zoveel details die je onmogelijk allemaal kunt opnemen.
Na de Sint Pieter ook nog even naar de Nederlandse Friezenkerk geweest. Klein en eenvoudig. Als ik onderweg naar Rome stempels in een boekje had gespaard had ik hier een certificaat kunnen halen.

Terug op de camping bleken er inmiddels nieuwe fietsers te zijn aangekomen. Dat klikte wel aardig, en uiteindelijk zijn we met zes mensen ’s avonds in het campingrestaurant uit eten geweest. Leuk om ervaringen, maar ook meer dan dat uit te wisselen.

Toen ik gisteren de stad uit kwam dacht ik “nou dat is het dan, ik heb wel genoeg van Rome gezien.
Maar vanmorgen dacht ik er anders over. Ik zou sowieso vandaag in een mooie kerk een kaarsje branden voor de moeder van mijn vriend Adri die vandaag begraven werd. En verder had ik van fietsmaat Paul nog de tip gekregen zeker het Palazzo Pamphili te gaan bekijken, en dat wilde ik op de valreep toch nog doen. Het was inderdaad de moeite waard, zowel het Palazzo zelf, als de schilderijen en beeldhouwwerken die er te zien waren.

En hiermee zit mijn verblijf bij Rome er wel op. Morgen ga ik met de trein naar Terontola en vandaar fiets ik dan nog een klein stukje naar Tuoro. Daar sta ik dan nog twee dagen op de camping, en dan begint op zaterdagavond de busreis naar huis.

Site-seeing Roma, maandag 27 juni

Gisteren was het een saai dagje op de camping, dat wel werd afgesloten met een gezellig etentje met Suzan en Jan op het terras van het campingrestaurant.
Ik kwam hen op de eerste camping in Duitsland tegen, en ook de tweede camping, bij Remagen, zagen we elkaar weer, maar daarna hadden ze een afspraak met familie bij Garmisch Partenkirchen, dus waren enigszins aan tijd gebonden, dus had ik niet verwacht ze weer te zullen zien. Maar de dag nadat ik hier op de camping was aangekomen waren zij er ook ineens weer. Tussen hun en mijn plekje was er een tamelijk schaduwrijke plek waar we gezamenlijk gebruik van maakten. We hadden het gezellig, en het feit dat zij vandaag aan de thuisreis was een mooie aanleiding om uit eten te gaan.

Vanmorgen heb ik ze uitgezwaaid en ben daarna naar de stad gegaan. Ik wilde achter een ticket voor de trein aan.
Dat naar de stad gaan ging nog niet helemaal vanzelf. Ik had bij de receptie van de camping treinkaartjes gekocht om naar Rome te gaan, maar toen ik ze in het apparaat op het station gebruikte werden ze afgekeurd. Ik snapte niet waarom, maar toen het bij andere mensen ook gebeurde ging ik er niet meer echt vanuit dat het aan mijn kaartjes lag. Dus ik ben onder het tourniquet gedoken en waagde het erop. Ik weet niet of ze hier weleens aan controle doen, maar ik heb het nog niet meegemaakt, en ook vanmorgen bleef het uit.
In Rome aangekomen gebruikte ik het kaartje probleemloos om naar station Termini te gaan. Het lag dus inderdaad niet aan het kaartje.

Op het station lukte het me om een kaartje voor donderdag naar Terontola te kopen, inclusief een kaartje voor de fiets. In principe is het kaartje de hele dag geldig, maar een rit zonder overstap en met de fiets is er alleen om ongeveer 15 uur ’s middags. Vanaf Terontola is het dan nog een uur fietsen naar de camping bij Tuoro.

Vanaf Termini ben ik wandelend naar het Vaticaan gegaan. Met enige moeite was het me gisteren gelukt om een zg’ skip-the-line’-ticket te kopen voor het tijdslot van half vier. En dan hebben we het dus over de Vaticaanse musea, waar ook de Sixtijnse kapel onder valt. Ik was aanvankelijk te vroeg, maar met een pauze op een terras kon ik er uiteindelijk in. We vormden een zeer lange menselijke slang, deels uit groepen, deels uit individuen zoals ikzelf bestaand. We werden door een heel groot deel van het museum geleid, en pas uiteindelijk zagen we waar waarschijnlijk de meesten voor kwamen, de Sixtijnse kapel. Het was mooi en bijzonder, maar iets minder mensen was misschien wel fijn geweest. En ook een kortere route door het museum was niet erg geweest.

Na terugkeer op de camping werd ik door camperbewoners en buren Ans en Frans uitgenodigd om een biertje te komen drinken. En zo is er elke avond wel wat gezelligheid.

Morgen ben ik van plan om de Pieterskerk nog te bezoeken.

Sightseeing Roma vrijdag 24-6

Ik weet het, ik zou stoppen met bloggen vanuit Rome, maar ik weet dat ik er minstens een paar mensen een plezier mee doe, en heb je er geen zin meer in, dan lees je het gewoon niet. Overigens wil dit niet zeggen dat er weer elke dag een verhaaltje komt, alleen als ik zin en tijd heb.

Gisteravond begon er op het sportveld naast de camping rond half tien luide muziek te klinken en er begon iemand minstens zo hard bij te zingen. Soms zongen er ook anderen mee, het deed wat karaoke-achtig aan. Dit feest duurde tot ver na middernacht. Ik heb het ergernisknopje snel omgezet (helpen doet het toch niet), maar slapen viel toch niet mee. En natuurlijk toch wel rond zes uur wakker worden, en dat werd versterkt door het legen van de glascontainers op de camping rond dat tijdstip.

Op mijn gemakje wat gegeten en me klaargemaakt voor vertrek naar Rome. Zo’n eerste keer met de trein in een ander land is altijd een beetje puzzelen, op welk spoor gaat hij, hoe kom ik binnen, maar het bleek allemaal voor de hand liggend te werken. Alleen rijden de treinen in Italië aan de andere kant van de ‘weg’, daar moet je wel even erg in hebben.
In Rome aangekomen volgde ik de suggestie van medefietser Paul en ben op mijn gemakje de Via del Corso afgelopen. Zo nu en dan een kerk in gelopen die dus gewoon allemaal open staan!
Op een gegeven moment zag ik bij een zijstraat links in de verte trappen omhoog gaan. Als dat de Spaanse trappen niet zijn, dacht ik. En ja hoor, ze waren het. Beklommen en genoten van het uitzicht. Ook wel inwendig gegrinnikt om de mannen met bossen rode rozen in hun hand die ze probeerden te slijten aan (meestal) jonge koppels. Ze boden dan een roos aan, aan de vrouw/het meisje, en als die dan happig deed was het natuurlijk de bedoeling dat hij zou dokken. Ik heb niet gezien dat het tot een verkoopsucces leidde, maar ik zag later wel jonge meisjes met een roos lopen, dus kennelijk lukt het weleens.
Om alvast iets van Bernini te zien besloot ik koers te zetten naar het Piazza Navona te wandelen, want daar staat een fontein die door hem ontworpen/gemaakt is. Hij heet de Vierstromenfontein (Fontana dei quattro fiumi) en is vernoemd naar de vier grootste indertijd bekende rivieren: Ganges, Donau, Nijl en Rio de la Plata. De rivieren worden afgebeeld als goden. Een van die goden lijkt zijn hand afwerend in de richting van de kerk Sant’Agnese in Agone te houden, en er werd beweerd dat dit was omdat deze kerk ontworpen was door Bernini’s concurrent Borromini. Dat dit echter een fabeltje is kan worden afgeleid uit het feit dat de fontein er al was voor er met de bouw van de kerk begonnen was (1652).

Het begon tegen het einde van de ochtend te lopen en ik wilde de hitte van de stad voor zijn, dus op pad weer naar het station. Even langs de Decathlon nog om te kijken of ze nog leuke zomerbloesjes hebben, maar dat viel tegen, het was maar een heel kleine vestiging met hoofdzakelijk hardloopspullen.
Waar ik nog achter moet zien te komen is hoe je de trein op verzoek kan laten stoppen, want kennelijk stopt hij niet altijd overal. Ik had mazzel, hij stopte op mijn station, maar ik ben er nog niet achter.

Hieronder nog enkele foto’s.

 

« Oudere berichten Nieuwere berichten »

© 2024 Onderweg

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑