Dit jaar fietste ik naar Rome. Ik maakte gebruik van de route van Hans Reitsma.

zondag 15 mei 2022 – Etappe 1: Dordrecht – Liempde

Ik was erg vroeg wakker en dat had eigenlijk geen zin, want de eerste vaart van het pontje bij de Kop van het Land is op zondag pas om kwart voor tien. Maar ja, slapen lukte ook niet meer.
Tassen definitief ingepakt, koffie gedronken, wat gegeten etc.
Toch te vroeg bij de pont natuurlijk, maar het was lekker weer, dus wachten was geen straf.
Wat nog wel grappig was, ik was nauwelijks een kilometer van huis toen ik door een andere Santosrijder werd ingehaald. Gezellig gesproken tot ik bij de geldautomaat kwam, daar wilde ik gebruik van maken en hij ging door.
Het was een mooie tocht naar Liempde, vooral het stuk vanaf en na de Loonse en Drunense Duinen. Ook het weer was heerlijk, al had de wind best 180 graden mogen draaien.
Het opzetten van het tentje en de slaapplek in orde maken ging uiteraard zeer geroutineerd en vlot.

Afstand ruim 74 km.

 

 

maandag 16 mei 2022 – Etappe 2: Liempde – Roermond

Gisteravond had ik al wat muggen op bezoek gehad, maar aan de picknicktafel in de zon viel het nog mee. Vanochtend viel het totaal niet mee. Op sommige momenten had ik er vier, vijf tegelijk op mijn been zitten, en dat deden ze niet om uit te rusten. Ik heb het ontbijt gelaten voor wat het was, snel ingepakt, en wegwezen. Wel nog een kort praatje met een medefietskampeerder. Hij was vanuit Almere onderweg voor een zesdaags rondje door de Ardennen. Hij had dit lang niet gedaan, zo alleen op pad, en was benieuwd hoe het zou bevallen.
Het bleef lange tijd bewolkt, met zo nu en dan een gaatje waar de zon doorheen kwam. Maar de temperatuur leed er niet onder, het was goed warm. In Lierop, op het kerkplein (zie foto, bijzondere kerk voor zo’n klein dorp), eindelijk ontbeten. Vorig jaar was ik hier heel toevallig al eens met Suzemarie toen we in de buurt kampeerden, toen ook in de kerk geweest.
Toen de zon uiteindelijk doorbrak werd het goed warm, en met name het lange betonnen fietspad langs de N279 werd op het laatst een beetje zwaar. In Roggel verliet ik dat fietspad en vond een fijn schaduwplekje bij een restaurant, alwaar ik van de plaatselijke, Limburgse, delicatesse genoot. Nee, niet de vlaai, hoewel ik die ook niet versmaad, maar de asperge. Verpakt in een quiche en een bakje sla erbij. Die vitaminen waren ook weer binnen.
De brug over de Maas bij Roermond werd ik zowaar door de wind overgeduwd, dat was zeer aangenaam.
De camping was eenvoudig te vinden, en na telefonisch contact met beheerder/eigenaar Jeroen, die op maandag zijn vrije dag heeft, kon ik plaatsnemen op plekje 2.

Afstand 80 km, totaal 154 km

 

dinsdag 17 mei 2022 – Etappe 3: Roermond – Echtz
Zonder haast heb ik vanmorgen mijn boeltje gepakt, ik moest immers nog tot half negen wachten voor campingbaas Jeroen terugkwam van het naar school brengen van zijn kinderen. En dan had ik het ‘Limburgs kwartiertje’ nog niet meegerekend, want in mijn slechtheid ging ik er wel vanuit dat dat erbij zou komen.
Maar zeven over half negen was hij er al!
Ondanks mijn niet-haast zag ik wel kans mijn linker wijsvinger te verwonden aan een haring, het bloedde behoorlijk, maar tot mijn tevredenheid wist ik de pleisters vlot te vinden. Om op de zaken vooruit te lopen, bij het opzetten van de tent op de volgende camping verwondde ik mijn rechter wijsteen. Zoiets doe ik altijd wel een keer per vakantie (er zitten verdraaid scherpe randjes aan die MSR-haringen) dus ik hoop dat ik het nu weer gehad heb.

De tocht verliep voorspoedig. Vanmorgen eerst bewolkt, met soms een spatje regen, vanmiddag brak de zon door en werd het meteen behoorlijk warm. De gravelpaden langs de Rur waren goed te berijden en de omgeving was prachtig. Er waren ook paden bij die geasfalteerd waren, ooit, maar inmiddels zo sleets dat ik soms stuiterde op mijn zadel.
Op de website van routemaker Reitsma had ik gelezen dat het laatste stuk langs de Rur door de overstromingen van vorig jaar nog niet begaanbaar waren, en dus het advies op het laatst de zg asfaltroute te nemen, die hij vooral gemaakt heeft voor racefietsers, die houden kennelijk niet zo van gravel. De route werd er niet fraaier van, maar een voordeel was wel dat ik zonder omwegen bij de camping uitkwam.
Douchen ging niet helemaal lekker, ik kon eerst kiezen tussen koud en heet, en na wat geëxperimenteer was het alleen nog maar koud. Nou ja, koud douchen is bij tijd en wijle een hobby van me dus heel rampzalig was het niet.
Tot slot, de maaltijd. Ik heb zowaar gekookt. Vanmorgen al een ui en puntpaprika gekocht, en tezamen met pasta en pesto werd dat best smakelijk. Nu zit ik alleen met een half potje pesto en gezien de huidige temperaturen moet ik dit halve potje morgen dan maar eten.
En dan nog echt tot slot, mijn buren op de camping, een stel uit Sittard, zijn ook onderweg naar Rome, dus grote kans dat we elkaar nog wel een keer of wat gaan tegenkomen.

Afstand 68 km, totaal 222 km

 

woensdag 18 mei 2022 – Etappe 4: Echtz – Remagen

Toen ik vanmorgen de camping wilde verlaten bleek het hek op slot. Ik liep een beetje rond te drentelen, keek bij het restaurant waar ik de middag ervoor had betaald (niemand te zien) en overwoog net of ik misschien zou kijken of het hek aan de andere kant van de camping open zou zijn toen er een wat chagrijnige man naar buiten kwam. Hij kon toch ook niet weten wanneer de gasten wilden vertrekken en ik had toch op het raam kunnen tikken. Hij zei volgens mij nog veel meer, maar dit was wat ik eruit opmaakte.
Ik was allang blij dat ik weg kon.
Het werd een warme, om niet te zeggen hete, tocht. De temperatuur liep snel op en dit in combinatie met de stevige klimpartijen die er hier en daar in zaten maakte het wel zwaar.
Dat neemt niet weg dat er ook genoeg te genieten viel. Het uitzicht over de velden en heuvels was mooi.
Leuk was dat ik na een km of twintig, denk ik, werd ingehaald door Ad uit Oisterwijk. Ongeveer van mijn leeftijd gok ik. Hij was al twee keer op de fiets naar Santiago geweest en wilde nu ook Rome eens proberen. We hebben grote stukken alleen gefietst omdat vooral klimmen erg individueel is, maar de pauzes deden we steeds samen. Na de lange afdaling uit de heuvels naar de Rijn, van 271 meter hoogte naar iets minder dan zestig, hebben we samen nog een biertje gedronken op de Rijnkade en vervolgens afscheid genomen, want Ad kampeert niet. Best kans dat we elkaar in het vervolg nog tegen zulke dingen komen.
Ik overweeg om hier morgen een dagje te blijven, de warmte in combinatie met de inspanningen hebben me het gevoel gegeven dat dat weleens verstandig zou kunnen zijn.

Afstand 90 km, totaal 312 km

 

donderdag 19 mei 2022

Rustdag. Beetje lezen, beetje Remagen bekijken, was wel lekker, een dagje niks.

 

vrijdag 20 mei 2022 – Etappe 5: Remagen – Sankt Goar

Via mijn oudste zus kreeg ik mee dat het vandaag, in de loop van de middag, weleens flink zou kunnen gaan spoken. Categorie omwaaiende bomen en hagelstenen als golfballen. Nou weet je natuurlijk nooit of het zo heftig uitpakt als ze denken, of dat er net een andere koers wordt gevolgd waardoor het probleem wel elders, maar niet bij jou bestaat. Ik besloot het er niet op te wagen en regelde een hotelkamer in de plaats van aankomst. Tevens wilde ik heel vroeg op pad gaan.

Om even na half zeven zat ik op de fiets. Fleece nog aan, want ik vond het nog fris. Ik moest een eindje omrijden want bij de wateroverlast juli vorig jaar was de fietsbrug over de monding van de Ahr weggespoeld. Misschien komt hij wel weer terug, maar nu was hij er nog niet.

De etappe van vandaag heb ik zeven jaar geleden ook al eens gereden. Ik was toen onderweg naar Wenen. Er waren inderdaad stukken die ik herkende, of die me bekend voorkwamen. Maar ook stukken waarvan ik me totaal niet kon herinneren er al eens geweest te zijn.

Wat ik me uiteraard zeker herinnerde was het Deutsches Eck, de plek waar de Moezel in de Rijn stroomt, en waar kaiser Wilhelm der Grosse al sinds jaar en dag de zaak zit te beobachten. Nadat ik in het begin zelfs nog even mijn regenjack had aangehad reed ik uiteindelijk grotendeels in de zon. Op dit moment hoor ik het onweren maar erg spectaculair is het nog niet. Heb ik dan voor niks die hotelkamer geboekt? Wellicht, maar de dag is nog niet om, en met je tentje op een open terrein staan tijdens onweer vind ik ook niet heel fijn. (Naschrift: achteraf bleek het stormgebied een stuk noordelijker te zijn gepasseerd, aanzienlijke schade aanrichtend)

Morgen is het wat koeler en bedaarder in de atmosfeer. Dan fiets ik naar een camping bij Leeheim.

Afstand 84 km, totaal 396 km.

 

zaterdag 21 mei 2022 – Etappe 6: Sankt Goar – Leeheim

Ik vind een kampeerplek verlaten makkelijker dan een hotelkamer. Als je op je kampeerplek niks meer ziet mag je ervan uit gaan dat alles in je tassen zit. Op je hotelkamer kan er altijd iets onder of in je bed liggen, er zijn gewoon meer plekken waar nog iets kan zijn.
Maar goed, ik geloof dat ik vanmorgen alles wel heb meegenomen.
Kwart voor acht ongeveer reed ik weg. De zon scheen, het was lekker pittig weer. Ruim een uur later, ik begon net trek te krijgen, bleken er bij Niederheim allemaal bankjes langs het fietspad te staan. Stoppen en brood klaarmaken (en eten), en een foto maken van mijn uitzicht. Ondertussen kwam er ook nog een clubje van vijf Nederlandse vakantiefietsers voorbij.
Verder weer. Op een gegeven moment, in de buurt van Bingen, verliet de route de Rijn. Licht glooiend had Reitsma beschreven, en inderdaad, het fietste makkelijk. Op een kort stukje 10% na.
Ik reed door een dorpje toen ik enkele vakanfietsers in een bushokje een hapje zag eten. Twee van de drie vormen een paar en zijn onderweg naar Athene, de derde is een man van 76 die net als ik onderweg is naar Rome.
We bleken op pad naar dezelfde camping. Ik fietste weer verder en kwam uiteindelijk bij het veer van Nierstein. Aan de overkant was het wel even zoeken hoe ik op de camping moest komen, aan bewegwijzering deden ze niet en het pad dat er rechtstreeks naar toe leek te gaan was vooral een hobbelig graspad. Via wat kruip-door-sluip-door weggetjes kwam ik er uiteindelijk toch.
Een half uurtje na mij kwamen ook de andere fietsers aan, en na onze tenten te hebben opgezet hebben gezellig met elkaar wat gedronken.
De camping zelf is eigenlijk niks. We zijn met elkaar en nog twee tentjes op een veel te kleine plek gezet, kinderen banjeren gewoon door de ruimte tussen onze tentjes (iemand had zelfs al een haring losgeschopt, niet expres neem ik aan) en onze niet-fietsburen zitten bijna non-stop te bellen.
Nou ja, morgen een nieuwe camping. 🙂

Afstand 92 km, totaal 488 km.

 

zondag 22 mei 2022 – Etappe 7: Leeheim – Heidelberg

Vanwege het feit dat ik morgen fietsvrij heb ben ik kennelijk dusdanig in een vakantiemodus geschoten dat ik mijn blog bijna vergat. Bijna he, de dag is nog niet om.
Ik vond het een heerlijke fietsdag, en dan vooral de ochtend toen alle andere fietsers nog in bed lagen, in de kerk zaten of nog niet geïnspireerd waren. Het was heel stil, de zon scheen, nee het was niet heel stil, ik hoorde heel veel vogels. Ik ben geen vogelkenner, maar een leeuwerik herken ik, en die hoorde ik. Ik kreeg er een blij nostalgisch gevoel van.
Het rook ook lekker, liguster, acacia (denk ik), vlier.
Het landschap was oogstrelend en zo was er voor vrijwel alle zintuigen wel iets van zijn gading.
In de middag werd het druk op de fietspaden, en het is opvallend hoe voorzichtig Duitse fietsers zijn. Als ze je tegemoet komen gaan ze al heel lang van tevoren achter elkaar rijden, ook als je elkaar makkelijk kunt passeren als ze niet achter elkaar gaan. Ik zeg niet dat het verkeerd is, maar ik vind het opvallend, en ik vrees dat men mij soms wat lomp vindt. Ik vind dat zelf overigens over het algemeen niet.
Die voorzichtigheid zie ik ook tussen automobilisten en fietsers. Auto’s blijven soms heel lang achter me hangen omdat ze kennelijk vinden dat de ruimte om in te halen te krap is. Ik word er soms wat zenuwachtig van en denk dan “ga nou maar, kan makkelijk”.

Een primeur deze reis: de eerste koffie met gebak. Lörsch kreeg de eer. De route kwam daar langs zoveel terrassen dat ik het niet kon weerstaan. Het stadje Ladenburg nog even bezocht. Ik was er bijna (ten onrechte) aan voorbij gereden, maar las toen nog net de aanbeveling van Roel. Prachtig kerken en vakwerkhuizen, fijne sfeer.
Daarna doorkachelen naar Heidelberg. Het was druk op de Sonnewiesen op de noordoever van de Neckar, ik moest op het aanpalende fietspad goed uitkijken.
Na ruim tachtig kilometer was daar de camping. In vergelijking met de vorige een wereld van verschil. Gewoon een eigen plekje (aan de Neckar) zonder kinderen die de haringen uit mijn tent lopen. Het enige nadeel is de weg die er vlak langs loopt. Die is best druk en geeft wat lawaai.
Morgen rustdag. Ik ga (in principe) met de trein naar Heidelberg. Dat is volgens mij maar één station verder, maar ik heb niet zo’n zin om weer langs de al genoemde weg naar de stad te rijden, en me daar zorgen te maken over mijn fiets als ik hem ergens neerzet.
Tot slot, nadat Weerplaza, de app dan, al een paar uur beweerde dat het regende hebben ze nu eindelijk gelijk gekregen.

Afstand 81 km, totaal 569 km.

 

maandag 23 mei 2022 – Rustdag Heidelberg

De dag begon met regen, maar na enige tijd werd het droog en ging ik op zoek naar de supermarkt die net aan de andere kant van de drukke weg zou moeten zijn. Het leek me wel een dingetje om tijdens de ochtendspits die weg over te moeten steken, maar dat had men kennelijk ook al eens bedacht, er was een voetgangerstunneltje onder de weg door!
Boodschappen doen, deels opeten en me klaar maken voor vertrek naar Heidelberg. Hoe werkt dat eigenlijk met kaartjes bij de Duitse spoorwegen? Ik heb de app van de DB geïnstalleerd en vond uit hoe laat de trein ging, en ook dat een bejaardenkaartje goedkoper was. Toen ik die wilde bestellen moest ik uiteraard een account aanmaken, maar dat vond ik een beetje teveel gedoe. Ik ging ervan uit dat er ook wel een kaartjesautomaat zou zijn. Die was er. Maar het glas van het scherm was niet zo helder meer, en de zon scheen erin. Ik zag wel een standaardkaartje van 2,80, maar mijn 65+ – versie zag ik niet. Dan maar niet, mijn trein komt ook zo, en zoveel zal het niet uitmaken.
En met het kaartje in mijn zak stond ik een beetje te mijmeren, tot ik opeens bedacht: mondkapje! Ik wist vrij zeker dat ik ergens had gelezen dat in Duitsland de mondkapjes nog verplicht zijn in het OV. Dan in hemelsnaam maar terug naar de camping om zo’n ding te halen. (Inmiddels zit-ie standaard in mijn stuurtas die ik vrijwel altijd bij me heb.)
En zodoende was ik uiteindelijk twee à drie treinen later in Heidelberg.
Het was ondertussen aardig warm geworden, dus de klim naar het Schloß was best inspannend. Je kon het geloof ik ook bezoeken, maar daar had ik geen zin in. Eromheen lopen en naar het terras met uitzicht gaan vond ik voldoende.
Bij een winkeltje bij het kasteel kocht ik een paar kaarten om te versturen, maar “leider, kein Briefmarken”. Dus mijn volgende missie was het zoeken naar het postkantoor. Onderwijl een mooi beeld van de stad gekregen, zeer de moeite waard.
Op een gegeven moment vond ik het wel genoeg en liep ik terug naar het station. Daar bleek de enige kaartjesautomaat omsingeld door een grote groep meest aziatische mensen. (Doet dat ertoe? Nou, mijn vooroordeel zei me dat die mensen misschien meer dan gemiddeld tijd nodig hadden om de werking van het apparaat uit te vogelen.)
Dit werd het moment om toch maar een DB-account aan te gaan maken. Het ging wel, maar niet vanzelf. Maar nu kon ik mooi online een kaartje kopen met mijn OLK, en dat kwam uit op een bedrag van 2,10. Mooi zeventig cent verdiend.
Omdat ik er toch langs kwam nog maar een keer naar de super voor wat aanvulling.
(Terwijl ik dit tik kijk ik zo nu en dan argwanend naar mijn handdoek die ik aan mijn fiets heb vastgeknijperd. Zo nu en dan steekt er ineens een harde wind op, en ik zou het wat jammer vinden als ik hem ineens in de Neckar zie wegdrijven. Ik heb hem zekerheidshalve nu toch maar binnengehaald.)
Er was voor de hele middag regen voorspeld door de Weerplaza-app, dus mijn plannen om een wasje te doen leken in het water te vallen. Maar gek genoeg trok de lucht helemaal open en had ik verder een stralende middag. Zoals op de foto te zien een waslijntje geïmproviseerd, en dat werkte prima. In het begin van de avond begon het te rommelen, maar het trok voorbij en het bleef droog. Die windvlagen horen vermoedelijk bij buien die elders vallen.

Nog even over morgen. Ik zou het liefst naar Oedheim fietsen, maar de camping aldaar wil dat je minstens twee nachten blijft. Ik wil dat niet. Een camping eerder is ermee gestopt. En dan wordt het of een camping nog eerder, na 55 km al, of een camping pas na ruim 125 km. Te kort of te lang wat mij betreft. Ik ga toch maar voor te kort, omdat te lang dan ook zou betekenen dat ik dan direct de volgende dag een stevige klimdag heb. Klinkt niet verstandig, dus morgen een kort ritje.

 

dinsdag 24 mei 2022 – Etappe 8: Heidelberg – Neckarzimmern

Toen ik opstond was het betrokken, maar het wolkendek was niet gesloten. Tijdens het inpakken begon het echter toch wat te miezeren. Zo weinig dat ik een regenjack nog niet nodig vond, maar enkele kilometers verder veranderde ik van gedachten. En dan krijg je zo’n doen-we-m-aan of toch maar weer doen-we-m-uit situatie, die gelukkig na ruim een uur fietsen eindigde in het voordeel van de uitsituatie.

Het was weer een mooie tocht, steeds vlakbij de Neckar. Meestal over de linkeroever, soms even een uitstapje naar rechts. Er waren weer veel collegafietsers onderweg, Duitsers, met soms heel veel bepakking, maar ik geloof niet dat er kampeerders bij waren. Wat zou er toch in die tassen zitten?

Minder was dat ik bij mijn rechterknie, aan de binnenzijde, een pijnlijk plekje had. Wonderlijk wel na een rustdag, ik ben dan ook geneigd om het klimmen naar het kasteel van Heidelberg de schuld te geven, of het weer afdalen, wie zal het zeggen. Vooralsnog geeft het niet echt problemen en is mijn verzet licht kiezen een goede strategie. Het is in elk geval goed dat ik niet voor de 125 km heb gekozen vandaag, dat zou er geen goed aan gedaan hebben. We gaan het morgen zien.

Afstand 58 km, totaal 627 km.

 

woensdag 25 mei 2022 – Etappe 9: Neckarzimmern – Braunsbach

Gisteravond had ik al even de stuw verkend waarover ik de Neckar moest oversteken om weer op de route te komen. Na een nachtje slapen en bij de stuw aangekomen besloot ik dat ik waarschijnlijk onvoldoende spierkracht had om de fiets tegen de trap op te duwen. (Zie foto’s van de situatie)
Dus aangekomen bij de stuw tassen eraf, fiets naar boven, tassen opgehaald en weer aan de fiets bevestigd. Aan de andere kant een vergelijkbare operatie. Het ging eigenlijk best vlot.
En ook de fietstocht zelf verliep prima. Ik stapte over van de Neckar naar de Kocher, en die was wat minder te bewonderen dan de Neckar omdat de fietspaden er wat verder vandaan lagen. Op de foto die ik van de Kocher maakte zie je op de achtergrond een autoviaduct, en het viaduct door het Kocherdal schijnt nogal een ding te zijn. Ik vond deze er wat teleurstellend uitzien, maar ik heb inmiddels begrepen dat het fameuze viaduct (185 meter hoog!) morgenvroeg op het programma staat. Dat houden we, jullie en ik, dus nog te goed.
Het laatste stuk van de route van vandaag omvatte een aantal stevige klimmetjes, alvast een opwarmer voor morgen, want ondanks dat de etappe morgen slechts 50 km is, wordt hij door Reitsma wel de zwaarste uit het eerste boekje genoemd. Misschien helpt het dat het morgen Hemelvaartsdag is. 🙂

Volgens het boekje van Reitsma zou ik vanwege het weggespoeld zijn van een brug een aantal jaren geleden een omweg van drie kilometer moeten maken om op de camping te komen. Dat bleek niet meer te kloppen, het herstel van de brug was eerder dit jaar juist afgerond. Ik meldde dit per mail aan Hans Reitsma, die daarop zijn website aanpaste. Leuk om te merken dat dit soort meldingen wordt opgepakt.

Afstand 84 km, totaal 711 km.

 

donderdag 26 mei 2022 – Etappe 10: Braunsbach – Ellwangen

Vandaag voelde voor mij een beetje als een examendag. Routemaker Hans Reitsma had vermeld dat deze etappe de zwaarste was van deze gids, en ik had zelf sterk het idee dat als dit niet zou gaan, ik de Alpen wel zou kunnen vergeten.
Kort na het vertrek ging ik onder de fameuze Kochertalbrücke door, een autobrug op 185 meter hoogte. Ik vond het erg imposant. Ik wil me er nog wel eens in verdiepen hoe ze die gebouwd hebben.
Na twaalf km begon dan eindelijk het ‘examen’ en het was inderdaad een zeer stevige klim. Het lukte me niet om hem zonder rustpauzes te houden te volbrengen, maar ik was blij dat ik niet hoefde te lopen. Die pauzes waren overigens net lang genoeg om weer op adem te komen.
Het tweede deel van deze beklimming was iets minder steil, en hierbij kon ik wel het hele stuk blijven fietsen.
In het vervolg waren er hele stukken redelijk vlak, maar als Reitsma schrijft dat het op en af gaat moet je dit, heb ik inmiddels geleerd, ook vertalen als: toe maar jongens, de beuk er effe in.
De omgeving was uiteraard prachtig, dat is vaak de andere kant van een stevig klimparcours. Het weer bleef lange tijd wat grijs, het klaarde eigenlijk pas op toen ik al op de camping was aangekomen.
Op die camping trof ik tot mijn verrassing de mensen die ik enkele dagen geleden ook al had getroffen en waar ik het gezellig mee had. Ik was er eigenlijk vanuit gegaan dat ze al een stuk verder waren, maar dat was dus niet zo.
We zijn vanavond met elkaar uit eten geweest, en dat was erg leuk, en smakelijk.
Ik twijfel nog of ik morgen verder zal trekken, of dat ik mijn knie een dagje rust zal gunnen en tevens van de gelegenheid gebruik maak om Ellwangen te bekijken. Ik slaap er nog een nachtje over.

Afstand 50 km, totaal 761 km.

 

vrijdag 27 mei 2022 – Rustdag Ellwangen

Dit wordt maar een kort verhaaltje mensen. Niet veel gedaan en niet veel inspiratie, en dat hangt waarschijnlijk ook samen.
Ik ben een extra dag in Ellwangen gebleven. Vanmorgen, na het afscheid van het gezelschap waarmee ik gisteravond zo gezellig uit eten was geweest heb ik eerst nog wat liggen lezen en ben vervolgens naar de stad gewandeld. Een mooi centrum met huizen in pasteltinten en enkele fraaie gebouwen, waaronder een mooie kerk. Maar heel groot is het niet, dus vervolgens op zoek naar de Edeka voor boodschappen en na terugkeer veel gelezen en een middagdutje.
Morgen weer verder, naar Dillingen an der Donau, een kleine 70 km met een paar te overwinnen bulten die makkelijker dan die van gisteren schijnen te zijn. We gaan het meemaken.

 

zaterdag 28 mei 2022 – Etappe 11: Ellwangen – Dillingen an der Donau

Het heeft afgelopen nacht geregend, dus alles was goed nat. Ik had gisteravond laat nog de powerbank in de wasruimte gelegd, en die was weliswaar nog niet klaar met laden, maar toch weer voor een paar dagen te gebruiken.
Nadat het had geregend was het, in de nacht nog, helemaal opengetrokken, dus best wel koud geworden in de nanacht. Mijn veronderstelling dat ik misschien wel aan een nieuwe slaapzak toe ben werd wel bevestigd.

Ik was er al vanuit gegaan dat ik mijn handschoenen moest aantrekken (toch niet voor niks meegenomen) maar tegen de tijd dat ik vertrok was het toch zover opgewarmd dat het zonder handschoenen kon.
De eerste 17 km was er niet veel aan de hand, dat stond ook in het boekje, en dat klopte ook. Maar daarna begon het in diverse stadia omhoog te gaan. Toch was het beter te doen dan twee dagen geleden. Uiteindelijk kwam ik op een hoogte van 642 meter uit, een persoonlijk record volgens mij. De voorspelde Europese Waterscheiding heb ik niet gezien, dus of ik nu niet goed heb opgelet, of dat het punt (nou ja, eigenlijk is het een lijn) net van de route af lag weet ik niet. Ik vind het ook niet zo rampzalig, ik heb wel vaker waterscheidingen gekruist.
Na die top begon het grote afdalen, soms nog weer een beetje omhoog, maar vooral toch naar beneden. Dat beviel erg goed, maar ik vrees dat het morgen weer uit is met de pret.
Over morgen gesproken, ik twijfel erg of ik me aan de volgende etappe van het boek zal houden, dan ben ik binnen 50 km klaar, en dan zou ik kunnen overwegen om Augsburg nog te bezoeken. Of ik fiets door naar de eerste camping bij de Ammerzee, dan komt er nog ruim vijftig bij. Nou ja, als ik morgen op het kruispunt sta waar ik de keuze moet maken is het vroeg genoeg. Dan weet ik ook hoe ik me voel.

Wat ik nog niet meldde, omdat ik een smeerseltje voor mijn knie wilde kopen ben ik Dillingen nog even ingelopen. Toch wel een charmant stadje, zie de foto’s.

Afstand 70 km, totaal 831 km.

 

zondag 29 mei 2022 – Etappe 12: Dillingen an der Donau – Mühlhausen

Ik meldde gisteren nog wel dat ik Dillingen ingelopen was, maar niet dat toen ik terugkwam op de camping zowat het hele veldje, waar ik eerst alleen nog met een andere man stond, vol was. Zoveel mensen op zo’n klein kluitje werd me bijna teveel.
Ik stapte van mijn plan af om zelf te koken en ging op het terras zitten om daar wat te eten, en te drinken niet te vergeten, ik nam er zo’n pul bier bij waar de Duitsers patent op lijken te hebben. Het smaakte prima, maar dat bier werkte erg slaapverwekkend. Ik ging even op mijn matrasje liggen (het zal een uur of zeven geweest zijn) en toen ik mijn ogen korte tijd later weer open deed was het donker en kwart voor twaalf.
Dat verhinderde me niet om na een toiletgang tot vanmorgen zes uur verder te slapen. Net niet het klokje rond. Het zal nodig geweest zijn.

Om half acht zat ik weer op de fiets. Het was fris en na een paar km trok ik mijn handschoenen aan. Vanaf Dillingen was het eerst volkomen vlak, ik startte op 420 meter, en dat bleef een tijdje zo. Maar dat duurt in andere landen dan Nederland meestal niet echt lang, en er kwamen een paar stevige klauterpartijen aan. Mooi was dat ik op een gegeven moment links iets zag bewegen, en dat bleek een ree te zijn die op een meter of tien afstand gelijk met me opliep, toen versnelde en de weg overstak. Daar bleef ze op veilige afstand, terwijl alleen haar kop boven het graan uitstak, naar me kijken.
Het spetterde zo nu en dan, maar echt regen werd het niet.
Verheugend was dat ik mijn knie vandaag niet gevoeld heb.
Dat, en het feit dat er zuidelijker meer regen met onweer zat, maakte dat ik voor de camping bij Augsburg (eigenlijk Mühlhausen) koos.
Ik heb na douchen en koffiedrinken nog bij de bushalte gekeken of er nog naar Augsburg gereden werd. Nog één bus, om half vijf. Ik heb het erbij gelaten.
Ik was niet zo in de stemming voor foto’s maken kennelijk, ik heb er maar één, van het tentje op de camping.

Afstand 51 km, totaal 882 km.

 

maandag 30 mei 2022 – Etappe 13: Mühlhausen – Utting am Ammersee

Het begon gisteravond te regenen en aanvankelijk was het niet veel meer dan wat gedruppel, maar allengs zetten ze er daarboven meer vaart achter. Ik begon wel een beetje benauwd te worden voor de consequenties binnen, want ik had al eerder gezien dat de ‘sealtape’ die aan de binnenkant tegen de stiknaden van de buitentent zat wat begon te verweren. En inderdaad was er toen de bui bijna voorbij was e.e.a. tegen de binnentent gedrupt. Bij een gewone bui (tja, wat is dat eigenlijk) gebeurt dat niet, maar als de sluizen opengaan kan het dus wel gebeuren.
Ik werd vanmorgen wakker in een kleine wereld, het was mistig. Maar de zon scheen er al een beetje vaag doorheen, dus ik had hoop dat het snel goed zou komen.
Meestal probeer ik na het wakker worden snel op pad te gaan, maar vanmorgen had ik niet zo’n haast. Het was ook hartstikke koud, om acht uur nog maar vier graden. En gelukkig had ik croissants besteld die er pas om acht uur zouden zijn, een extra reden om rustig aan te doen.
Toen ik om negen uur op de fiets stapte was het nog wel zo koud dat ik mijn waterdichte sokken aantrok (een unicum) en mijn handschoenen, maar je voelde al wel dat het aan het opwarmen was.
Om weer op de route te komen (voor sommige campings moet je nou eenmaal weleens wat omrijden) besloot ik een eigen koers te volgen. Op een paar aarzelpunten na ging dat prima, en al spoedig reed ik parallel aan de Lech. Meestal zag je hem niet, maar toen ik er bij een stuw overheen moest kreeg ik hem goed in beeld. Foto!
Er volgde een stuk door een bos, met vrolijk vogelgekwetter en een aansluitend stuk door een golvend landschap. In de meeste dorpjes waar ik doorkwam was niet veel te zien of te doen. Uiteindelijk begon de afdaling naar de Ammersee en die duurde lekker lang. Vaag in de verte kun je over het meer de Alpen al zien liggen.
Hier sta ik nu op een camping en ben me aan het beraden hoe ik de komende etappes ga verdelen. Ik was eerst van plan om in een keer naar Garmisch te gaan, maar dat is met het oog op mijn knie wellicht niet verstandig. Afijn, morgen horen jullie wat het geworden is.

Afstand 62 km, totaal 944 km.

 

dinsdag 31 mei 2022 – Etappe 14: Utting am Ammersee – Riegsee

Na een koude nacht was ik om vijf uur wakker, nog een beetje liggen soezen en uiteindelijk rond half acht aan de slag. Koffie, boterham, wc, spullen inpakken, etc etc.
Omdat ik vandaag maar vijftig km zou fietsen kon ik alles op mijn gemakje doen. Zelfs de tent nog even naar de zon verplaatst om hem nog wat droger te krijgen, maar echt droog heb ik toch maar niet meer afgewacht.
Route langs het meer (hoewel je het meestal niet zag) naar Dießen en daar boodschappen gedaan. Kan maar weer gedaan zijn.
Ik zag dat het koppel dat de afgelopen nacht als enige ook bij mij op het veld stonden er (bij de Ekabe) waren en koffie met iets lekkers bij de inpandige bakker bestelden. Ik weet dat er mensen zijn die dat als vast ritueel hebben, maar ik doe het niet zo vaak. Nu had ik er ook wel zin in, en ik ging met de buit bij hen in het gras zitten. Zij zijn onderweg naar Venetië en hebben minder tijd dan ik, dus ze maken langere fietsdagen dan ik.
Na de Kaffee mit Kuchen mijn boodschappen ingepakt en weer verder. De Alpen komen duidelijk steeds dichterbij, zeker als ze een poosje niet in beeld zijn geweest. Zoals gebruikelijk waren er weer wat stevige klimmetjes, maar zeker zo dicht bij de bergen is dat wat je kan verwachten.
Onderweg passeerde ik het punt dat ik duizend km *) van huis ben. Het is natuurlijk maar een getal, maar toch leuk om (letterlijk) even bij stil te staan.
Toen ik bijna bij Riegsee was twijfelde ik nog even of ik toch door zou fietsen, maar hoewel de knie dus niet slecht ging leek het me geen verstandig plan.
Om kwart voor twee was ik op de camping. Mittagruhe! Tot twee uur. Maar ook om twee uur gebeurde er niet veel. Uiteindelijk toch maar over het roodwitte afzettingslijntje gelopen dat aangaf dat het terras van de ‘Stube’ dicht was. Daar trof ik een man die me vertelde dat ik voor vijftig euro borg de sleutel van het sanitair kreeg, die vijftig euro kreeg ik dan de volgende ochtend weer terug. Niet echt je standaard camping dus. Na enig twijfelen besloot ik het maar te vertrouwen.
De ‘Zeltwiese’ bleek te bestaan uit een smalle strook gras waar al twee tenten stonden en waar ik me maar tussen gepropt heb. Hoewel een van de twee tenten open stond heb ik in alle uren dat ik hier nu ben nog niemand bij de andere tenten gezien. Toen het ging regenen heb ik het openstaande tentje maar even dichtgeritst en de spullen die er uitstaken naar binnen geschoven. Zoals ik al zei, niet echt een standaardcamping.
Zo nu en dan regent het, niet hard, maar toch niet dat je buiten gaat zitten. Wel jammer, want het zicht op de Alpen mag er zijn.
Morgen echt de bergen in. Ik heb er zin in en ik zie er tegenop. To be continued…

*) Voor wie denkt “hoezo 1000 km, hieronder staat maar 993 km”, dat zit zo. De afstanden per dag en de totaaltelling zijn ontleend aan de registratie met mijn Garmin horloge, en dat is exclusief de korte ritjes die je soms naar bijvoorbeeld een supermarkt maakt. De ‘echte’ totaaltelling is gebaseerd op mijn z.g. fietscomputer, zie de foto hieronder.

Afstand 49 km, totaal 993 km.

 

woensdag 1 juni 2022 – Etappe 15: Riegsee – Mittenwald

Gisteren, na het plaatsen van mijn blog ging het alsnog stevig doorregenen. Voordeel, ik heb het ’s nachts niet koud, nadeel, ik heb bij langdurige regen een beetje lekkage op een naad, en vervolgens gaat dat dan druppen op de binnentent. Het is allemaal niet heel erg, maar ook niet fijn.
Toen het al donker was kwamen alsnog de buren thuis. Ik had geen last van ze, en zij ook niet van mij, neem ik aan.
Zoals gebruikelijk om vijf uur wakker, maar toch nog wat gedut.
Op een gegeven moment hoorde ik geluiden die eerst leken te horen bij een stel dat luidruchtig de liefde bedreef, maar daar was het toch eigenlijk te ritmisch voor. Hij/zij van het buurtentje leek met een soort beatbox in de weer. Om half zeven of zoiets?
Toen ik klaar was om te vertrekken ging ik op zoek naar de man die ‘mijn’ vijftig euro had. Niet in de stube. Aanbellen bij het woonhuis leverde een verwijzing naar een camper, en inderdaad, daar was hij. En hij gaf meteen de vijftig euro en voor de camping hoefde ik niet te betalen. Ik zei het al, een bijzondere camping.

Op en neer ging het naar het plaatsje Murnau, mijn benen waren er eigenlijk nog niet klaar voor, maar goed, het moest. In Murnau nog een paar boodschappen, en door maar weer.
De route naar Garmisch Partenkirchen (GP) was bijzonder fraai. Deels langs snelstromende riviertjes, deels langs mooi bloeiende Alpenweiden. En als decor de steeds groter wordende bergen. Ik vond het mooi en imponerend tegelijk. Moest ik daar straks gaan fietsen?
In GP op een bankje in de schaduw wat gegeten en gedronken en met de familie geappt. Tenslotte was boekje 1 nu uit!
Vanuit GP ging het gedurende 3 km 5% omhoog. Dat was met de warme zon en vrijwel geen schaduw naast de drukke B2 niet steeds even makkelijk, maar zo nu en dan even op adem komen hielp goed. Halverwege de middag was ik op de camping bij Mittenwald. Tentje opzetten, scheren, douchen (oh nee eerst terug naar de tent om geld te halen, het kostte 50 eurocent, en dat had ik natuurlijk niet, wel een briefje van vijf die ik in de wisselautomaat stopte, en toen had ik er ineens tien), even chillen, ondertussen was het gaan regenen, naar de receptie en tot slot een biertje en wat eten op het (overdekte) terras.
Belangrijk: ik heb ondanks het klimmen geen last gehad van mijn knie.
Het regent trouwens nog steeds.

Afstand 52 km, totaal 1045 km.

 

donderdag 2 juni 2022 – Etappe 16: Mittenwald – Landeck

Het had weer stevig geregend, en dat was binnen en buiten de tent te merken. Het was niet dramatisch in de tent, maar toch wel wat natte plekken.
Het was grijzer dan het de afgelopen ochtenden geweest was, het was nog onduidelijk welke kant het op zou gaan met het weer. Vooralsnog vertrok ik met droog weer.
In Mittenwald, mooi plaatsje trouwens, nog even wat laatste boodschappen in Duitsland gedaan en vervolgens aan de klim naar Oostenrijk begonnen. Dat was vrij stevig, maar ik kwam er.
Ik was nog maar net het land in, of het begon te regenen. Niet hard, maar voldoende voor mijn regenjack. Er volgde een mooi stuk tussen de bergen met bloeiende weiden. Ik kon mijn regenjack al snel weer uittrekken, en voor de regen heb ik hem niet meer aangehad.
En toen was de klim naar de Buchener Höhe aan de beurt, de op een na hoogste bult die ik deze reis te verwerken krijg. Volgens het boekje 1247 meter, volgens mijn app nog iets meer. Op de top, die langs de weg niet gemarkeerd wordt jammer genoeg, trok ik mijn regenjack aan, want er volgde een afdaling van 7 km, en dat jack was heel fijn. Ik ben niet zo’n afdaler, in de zin dat ik het gauw te hard vind gaan. Harder dan veertig vind ik te hard, ik ben een watje ja, dat is me bekend.
Beneden in Telfs aangekomen mijn gekochte klaargemaakte boterhammen opgegeten. Ik stelde vast dat ik tot 630 meter gedaald was. En dan te bedenken dat de Reschenpas op 1515 meter nog moet komen.
In Telfs maakte ik kennis met de Inn, een snelstromende rivier waar ik de rest van de dag bij in de buurt zou blijven. En zelfs hier op de camping in Landeck sta ik vlakbij de rivier en hoor ik hem steeds stromen. Je vraagt je toch af waar dat water steeds maar vandaan blijft komen.
Onderweg wat getwijfeld waar ik zou gaan kamperen. Met als etappe-eindplaats Prutz zou ik over de 100 km heengaan dacht ik, dat leek me te ver. De eerste vond ik te dichtbij, en campings die niet aan de route liggen doe ik liever niet als het niet hoeft. En zo kwam ik in Landeck uit.
Ik kijk morgenochtend even of ik me fit genoeg voel om de Reschenpas te bedwingen, anders blijf ik een dag extra op de camping. Jullie merken het wel.

Afstand 85 km, totaal 1130 km.

 

vrijdag 3 juni 2022 – Rustdag Landeck

Vandaag op de camping gebleven. Vroeg ik me eerst nog af of ik er wel goed aan gedaan had, spieren waren wel wat stijf, maar niet zo heel erg, later ging die bedenking over. Het werd steeds benauwder en op een gegeven moment ging het regenen en onweren. Op de weerapp zag ik dat Reschen ook niet gespaard werd, dus ik was blij dat ik niet met regen en donder de pas aan het beklimmen was.
Wat overbleef was een beetje een suf dagje met lezen, duolingo en snel wat boodschapjes toen het wat droger werd.
Morgen lijkt het beter te worden, dus dan moet het maar gaan gebeuren.

Linkse foto zo begon de dag, rechts mijn plekje.

 

zaterdag 4 juni 2022 – Etappe 17: Landeck – Strada

Hoewel qua weer droog, was het een natte bedoening. Niet in de tent, maar de tent zelf bedoel ik. Ik was vroeg wakker en ook op tijd weg, tien over zeven zegt Strava. Langs en over de Inn verliet ik de stad, en dat ging gepaard met de nodige hoogtemeters, zeker toen ik de stad eenmaal achter me had gelaten. Alvast een beetje warm lopen voor de beklimming van de Reschenpas dacht ik nog.
Na Prutz ging het wat kalmer aan met klimmen en dalen, ik bleef wat dichter bij de Inn (die kennelijk inmiddels Oberinn heette) en dat scheelt. De vroege ochtendzon op de bergen maakte het zo nu en dan zeer schilderachtig.
Ik had gedacht in Pfunds nog wat boodschappen te doen, maar vond zo gauw geen winkel. Dan maar in Nauders, daar was in elk geval een Spar.
De route maakte nog een klein uitstapje naar Zwitserland, en toen ik daar tegen de zwaartekracht in verder probeerde te komen kwamen mij vakantiefietsers tegemoet die zoiets riepen als “xxx zu!” Nou is mijn Duits niet heel denderend, en xxx verstond ik dus niet, maar dat zu dicht betekende wist ik wel. Wat was er dicht? De brug bij Martina, die mij weer in Oostenrijk zou brengen en bij het begin van de beklimming naar Nauders? Door twijfel bevangen stopte ik op een parkeerplaats met schaduw en probeerde met Google wijzer te worden. Zonder resultaat. Andere fietsers die uit de richting van Martina kwamen sprak ik aan, en volgens hun was er niks met de brug aan de hand. Dat bleek juist, maar…

Ik fietste toch maar verder en arriveerde uiteindelijk bij de bewuste brug. Prima brug, niks mis mee, maar ik mocht er niet door. Er bleek een racecircuit voor oude auto’s te zijn uitgezet uitgerekend op de route naar Nauders. Om zes uur weer toegankelijk. Het was toen half twaalf. Dat ging nog wel even duren. Er gingen wel bussen die ook fietsen meenamen, maximaal vier of vijf, en er waren veel fietsers. Maar hoewel ik al dagen tegen de beklimming zat aan te hikken en dit natuurlijk een mooi gevalletje overmacht zou zijn wilde ik dat toch niet. Ik wilde zelf bovenkomen. Dan maar wachten tot zes uur.
Dat duurde toch wel lang en het begon ondertussen ook steeds warmer te worden. Toen ontdekte ik ineens op Google Maps dat er op ruim drie kilometer afstand een camping was, in Zwitserland nog. Dat vond ik dichtbij genoeg om de gok te wagen. En dat pakte goed uit. Een zeer kleinschalige camping met nog maar weinig bezetting.
En daar sta ik nu dus. Enige lastige is dat er heel weinig 4g-bereik is, dus internetten is moeizaam.

Afstand 47 km, totaal 1177 km.

 

zondag 5 juni 2022 – Etappe 18: Strada – Glurns

Het plenst van de regen op de camping van Glurns, dus koken (in dit geval opwarmen) zit er nog niet in, dus laat ik dan maar vast aan het dagverslag beginnen.
Het waren vroege vogels op de camping vanochtend. Ik was weliswaar de eerste, maar de twee ook fietsende koppels waren niet veel later. Maar zij hadden kennelijk andere ochtendrituelen, want toen ik rond kwart over zeven vertrok zaten zij zo te zien nog aan het ontbijt. Ruim een kwartier later stond ik aan de voet van Norberts Höhe, de klim van 6 km à 7%. De eerste stukken raakte ik snel buiten adem, maar op een gegeven vond ik een snelheid waarbij ik het langer kon volhouden. Het was niet makkelijk, maar zeker goed te doen. Jammer is dan dat je op ruim 1400 meter hoogte staat, weet dat je naar ruim 1500 moet, en dat je dan weer naar BENEDEN gaat. Alles in je verzet zich er tegen, maar het gebeurt gewoon.

Ik reed Nauders binnen, spiedend of er misschien toch iets open was (de voorraden waren zacht gezegd niet op orde), maar nee.
Terwijl ik Nauders weer uit reed werd ik ingehaald door een clubje mountainbikers (daar waren er veel van, van die clubjes) en een van die jongens zei “Respekt mit dem Gepäck” of woorden van gelijke strekking. En daar was ik het hartgrondig mee eens. Er moest uiteraard weer geklommen worden, naar de Reschenpas in dit geval, en daar had ik op gerekend, maar ik had ook nog eens een straffe wind tegen. Minstens 4 bf als ik moet gokken. Ik was niet geamuseerd, maar ja, dat maakt niet uit, als je ergens wil komen moet je toch door.
En ik kwam er natuurlijk, nadat ik wat eerder al de Italiaanse grens was gepasseerd, was daar dan toch de pas. Tenminste, dat denk ik, want geen leuk bordje langs de weg waar ik een selfie voor het thuisfront bij kon maken. (Had ik bij de grens trouwens wel gedaan, al stond het bord wat ver weg.)
Na binnenkomst in Italië volgde er een fraai stuk langs de Reschensee, met helaas wel heel veel pittige klimmetjes, maar ook helaas heel veel tegenliggers waardoor ik minder aandacht aan de See kon besteden. En zo kon het gebeuren dat ik die beroemde verdronken toren van Graun totaal niet gezien heb. Toen ik het me realiseerde vond ik het niet nodig er voor terug te rijden.
En eindelijk, eindelijk, veel later dan ik verwacht had, begon dan de weg omlaag. In een van de dorpen/stadjes vond ik een pleintje met een fontein en (belangrijker) een terras waar koffie met Apfelstrudel werd geserveerd. Heerlijk!
Ik had inmiddels besloten op korte termijn te stoppen met fietsen, voor vandaag dan. Ik besloot naar Glurns te gaan. Van de camping in Mals had ik al gehoord dat hij erg duur was. Ik sta nu op een prima plekje op het tentenveld, en hoop dat het nog een keer wat langere tijd droog wordt, zodat ik Glorenza, zoals de stad in het Italiaans heet, nog even kan bezoeken. En eventueel wat eten. Zo niet dan wordt het het blik chili con carne, dat ik al een paar weken bij me heb.

Afstand 42 km, totaal 1219 km.

 

zondag 6 juni 2022 – Etappe 19: Glurns – Ora

De dag waarop we vierden dat mijn oudste kleinkind en mijn jongste broer jarig zijn. Nou ja, we, dat is dan spreekwoordelijk uiteraard, want deze opa en broer was ver weg van het feestgewoel.

Mijn dag begon zoals gebruikelijk met het opruimen en inpakken van de spullen. Dat gaat uiteraard geroutineerd en volgens een min of meer vast patroon. Om even voor acht uur fietste ik weg. Vlakbij Glurns zag ik mensen met vermoedelijk zakken van de bakker lopen, en toen maakte ik de eerste fout van de dag. Ik had die bakker moeten opzoeken. Maar ik had zoveel vertrouwen in Google Maps die me vertelde dat de Spar in het volgende dorp open zou zijn, dat ik dacht, ik koop dat brood daar wel.
Je voelt hem al aankomen, de Spar was helemaal niet open.
Toen maakte ik de tweede fout, en dat was dat ik er de conclusie aan verbond dat kennelijk in deze streek de winkels vanwege tweede pinksterdag toch dicht waren. Dat bleek achteraf een veel te voorbarige conclusie.
Ondertussen was ik met slechts twee boterhammen op aan het fietsen. De omgeving was prachtig, en de route ging vooral naar beneden. Dat was weleens prettig, na al dat geklim van de afgelopen periode. Enorme gebieden met appelbomen strekten zich voor me uit. Volgens mijn fietsgids komt 10% van alle appelproductie in Europa uit deze streek.
Na enige tijd kwam ik langs een onbemand kraampje met, je raadt het niet, diverse appelprodukten. Zoals appels en appelsap. Hier kon ik in elk geval iets doen aan mijn benauwde voorraadsituatie. Met een appel in de maag, een beker heerlijk appelsap achter de kiezen en nog een reserveappel in de stuurtas fietste ik welgemoed verder. Toen ik een klein uur later ook nog een terras vond waar ik koffie ‘met iets erbij’ kon gebruiken kon ik er weer een poos tegen.

Omdat ik wist dat de volgende dag een regendag zou zijn had ik me voorgenomen om twee etappes uit het boekje te rijden, in totaal ruim honderd kilometer. Omdat het traject toch vooral omlaag ging durfde ik het wel aan. Toch bleek het door de warmte met name in de middag wel een zware klus te worden. Ik moet duidelijk nog even wennen aan temperaturen van rond de dertig graden. Enigszins oververhit kwam ik uiteindelijk op de camping aan. Ik moest echt even bijkomen voor ik de gebruikelijke acties als tentje opzetten en matje opblazen kon verrichten. De plaatselijke supermarkt bleek nog tot zeven uur open, dus toen het tentje eenmaal stond ben ik daar op mijn gemakje naar toe gewandeld.

Inmiddels is het de volgende ochtend. Rond half drie ging het regenen, aanvankelijk met onweer erbij. Het onweer is weggetrokken, maar de regen blijft, zoals gezegd, nog wel even. Ik heb niet veel zin om de hele dag in de regen te fietsen, dus het wordt een dagje uitrusten en lezen.

Afstand 105 km, totaal 1324 km.

 

dinsdag 7 juni 2022 – Rustdag Ora

Kennelijk heb ik deze dag geen blog geschreven, er gebeurde niet veel zeker. 🙂

 

woensdag 8 juni 2022 – Etappe 20: Ora – Loppio

Rond vijf uur wakker, zoals gebruikelijk, naar de wc zoals gebruikelijk, nog weer even de slaapzak in, zoals gebruikelijk. Maar dat voelde toch niet goed, was helemaal niet slaperig of moe, dus aan het werk dan maar. Tent opruimen, spullen inpakken, en weet je wat, toch tijd zat, laat ik me ook weer eens scheren, dat is toch ook al gauw weer ruim een week geleden.
Even voor zeven uur reed ik de camping af. En al gauw weer naast de Adige met links en rechts mooie, imponerende rotspartijen. Was het gisteren deels een regenachtige dag, vandaag schijnt de zon weer volop. Mijn buurman van de afgelopen nacht op de camping, een wat zwijgzame duitssprekende man, haalt me in. Hij was toch eerder vertrokken? Misschien even ergens koffie gedronken, dat is niet gek in Italië, ik moet die gewoonte ook nog een beetje adopteren. Later haal ik hem weer in, en dan hij mij weer, en dan op een gegeven moment ben ik hem kwijt.
Na 45 km kom ik bij Trento aan en ik besluit er even in te fietsen. Prachtige stad! Bij het “centro storico” (het historisch centrum) neem ik de fiets aan de hand en wandel er wat doorheen. De Duomo is een mooie kerk, en je mag er zelf gratis in.
Na de bezichtiging gaat het weer verder, ik rijd nu wel vaak in de buurt van de snelweg, jammer, maar ik snap dat dat soms niet anders kan.
Bij Rovereto vind ik een plekje op een druk terras, veel fietsers, en eet een pizza. De Romano, een van mijn favorieten, met olijven, kappertjes en ansjovis. Hij smaakt goed, maar ik krijg er tijdens het laatste traject naar de camping wel ontzettende dorst van. Ik blijf maar water drinken.
De camping ligt niet langs de route en bij het vinden van de weg erheen gaat het volgens mij niet helemaal goed, ik rijd ineens op wat bij ons een drukke N-weg zou zijn. Het mag volgens mij wel, maar het was uiteraard niet mijn bedoeling. Er wordt ook naar me getoeter, en dat begrijp ik. Zodra ik een kans heb verlaat ik die weg en vind een rustig parallelweggetje. Het was ongetwijfeld van meet af aan de bedoeling dat ik daar zou rijden. Of het essentiële bordje er niet was, of dat ik het over het hoofd zag weet ik niet. Ik ben ook niet van plan om dat morgen uit te gaan zoeken.
Ik heb nu een leuk plekje op een minicamping bij een appelboer. Het tentje staat, en ik heb daarstraks even gezellig met mijn kleindochter (die eergisteren jarig was) en haar vader en broer gebeeldbeld.
Morgen door naar Verona, moet ook erg mooi zijn. Daar kan ik wel kamperen, zij het na het beklimmen van een stevige helling. Het zij zo.

Afstand 84 km, totaal 1408 km.

 

donderdag 9 juni 2022 – Etappe 21: Loppio – Verona

De rit vanaf Loppio was mooi qua omgeving. De laatste Alpenbulten had ik links en rechts, en de Adige had ik soms links, soms rechts. Wat wel jammer was, dat was dat het Adige-dal zo smal werd dat het onvermijdelijk was dat snel- en andere wegen steeds dichterbij kwamen en daarbij veel lawaai veroorzaakten, versterkt door de rotsen.
Hoewel ik steeds meer op de Povlakte afga had de maker van de route nog een toetje bedacht waarbij stevig klimmen op het programma stond. Had niet gehoeven van mij, maar ja, je doet het er maar mee. Alternatieven waren er sowieso niet, of je had voor nog meer klimmen moeten kiezen. Dat klimmen resulteerde uiteindelijk in een lange afdaling waarbij nog meer dan anders uitkijken het parool was. De weg was niet al te best, en door het vlekkerig patroon dat de zon door de bladeren van de bomen op de weg projecteerde kon je ook niet goed zien waar de echte gaten in de weg zaten. Sommige collegafietsers hadden er minder moeite mee en scheurden naar beneden. Vermoedelijk plaatselijke rijwielers die wisten waar je op moest letten.
Na deze afdaling belandde ik langs een kanaal dat me uiteindelijk in Verona bracht.
Wat een prachtige stad! Daar wil ik nog weleens wat meer tijd besteden.
De weg naar de camping was wel een klein drama. Ik liet me door mijn app erheen leiden, maar die was er ondertussen van overtuigd geraakt dat ik klimmen echt helemaal je-van-het vind. De camping ligt al hoog genoeg, maar een extra omweg via een nog hoger weggetje had voor mij niet gehoeven.
Begin van de avond nog een wandeling door de stad gemaakt. Ik zeg het nogmaals: prachtig.
Morgen naar Montagnana, dat is niet zo ver en vanwege het ontbreken van een camping heb ik een B&B gereserveerd. Slapen in een bed!

Afstand 80 km, totaal 1488 km.

 

vrijdag 10 juni 2022 – Etappe 22: Verona – Montagnana

Ik was gisteren na mijn bezoek aan de stad nog even op het terras van de camping een biertje wezen drinken (laat dat “tje” maar weg trouwens) en daarna vroeg in slaap gevallen. Toen ik om twee uur wakker werd moest ik uiteraard naar het toilet (bijzonderheid, ze hebben er van die hurktoiletten, die heb ik zelfs in Frankrijk al in geen jaren gezien) en daarna duurde het heel lang voor ik weer in slaap viel. Er was ook veel herrie met hardrijdende motoren en muziek die van ver kwam. Ik dacht zelfs de klap van een botsing te horen, maar ik hoorde geen daaropvolgende sirenes, dus het zal meegevallen zijn.
Vanmorgen op mijn gemakje de boel ingepakt, betaald, nog een espresso gedronken en toen maar eens op pad. Zo steil de weg omhoog was geweest zo steil was hij natuurlijk ook weer naar beneden. De remmen deden hun werk naar behoren en eindelijk kwam ik in een wat vlakker straatje uit. Ik zag een verkeersdrempel aankomen, met rechts een stukje waar ik als fietser door kon. Stom genoeg dacht ik dat de stoep op straatniveau lag en stuurde naar die stoep om wat meer ruimte te hebben. Te laat zag ik dat de stoep toch ongeveer een halve decimeter hoog was, en hup, daar ging ik. Ik probeerde mezelf nog op te vangen, maar kon toch niet voorkomen dat ik met mijn elleboog tegen het huis aan schuurde. Een schaafwond was het gevolg. Verder lijkt de schade aan mezelf en de fiets mee te vallen. Ik weet nog dat mijn helm ook een tikje meekreeg, dus als ik die niet had opgehad had ik vermoedelijk ook daar een wond gehad.
De schrik zat er even goed in, maar gelukkig moet je door. Toen ik de drukte van de stad eenmaal achter me had gelaten werd het fietsen weer leuk. Ik kon lekker doorfietsen, en dat was helemaal het geval toen er een Nederlandse e-biker naast me kwam rijden. We hadden het gezellig en ongemerkt schroefde ik mijn tempo wat op. Bij Montagnana scheidden onze wegen zich weer.
Zo douchen, en vanavond even zien dat ik mijn wonden zo afdek dat ze het beddengoed niet vies maken. Volgens mij kun je aan schaafwonden het beste zo weinig mogelijk doen, maar het is niet de bedoeling dat ik allerlei sporen achterlaat.
Later liep de stad nog in, als toerist, en als hongerige die ook nog ergens moest eten. Daar kwam ik toevallig, nou ja niet zo toevallig, want zo groot is Montagnana niet, ook de fietser weer tegen. Hij bleek Paul te heten, en had ook wel zin om ergens iets te gaan eten. Dat was lekker en gezellig.

Afstand 63 km, totaal 1551 km.

 

zaterdag 11 juni 2022 – Etappe 23: Montagnana – Ferrara

Het is wel raar om van B&B naar B&B te rijden. Ik zie het als een noodmaatregel, als er geen camping beschikbaar is, en toevallig is dat nu twee dagen achter elkaar het geval. Althans, dat dacht ik tot gisteren. Te laat ontdekte ik dat er bij Montagnana toch een camping was, maar toen was de bed and breakfast al geboekt.
Voor Italiaanse begrippen kreeg ik een uitgebreid ontbijt, dus daar kon ik een behoorlijk stuk op fietsen. Ik was daardoor wel later op pad dan ik anders met dit warme weer gedaan zou hebben.
Paul kwam ik binnen een kwartier al weer tegen. We spraken af dat we ieder volgens eigen tempo zou rijden en dan zagen we wel of wel elkaar onderweg nog zouden zien. We wisselden in elk geval telefoonnummers uit zodat we elkaar in Ferrara makkelijker zouden kunnen vinden.
Het was een lekkere fietsdag, met wel aardig wat wind tegen, maar de beloning kregen we in de vorm van mooi weer.
Onderweg kreeg ik een bericht van de B&B-persoon, of ik wist hoe laat ik er zou zijn. Ik mikte op drie uur, en als ik vanaf dat moment de kortste weg zou hebben gevolgd zou ik dat zeker gehaald hebben. Maar nadat ik de Po was overgestoken bleek de officiële route nog een hele slinger te maken die een hoop tijd kostte. Ik begon stevig aan te zetten (bij dertig graden, mind you) en was er uiteindelijk kwart over drie. Ik me schuldig voelen, bleek ik inmiddels appjes te hebben ontvangen van de persoon in kwestie dat hij/zij er niet zou zijn, maar dat dit de code was om binnen te komen en dit het kamernummer, en dat de sleutels aan de binnenkant van de deur zaten. Voor niks gepeesd.
Fiets aan het hek met een ketting, tassen naar boven, en na even bijkomen onder de douche.
Vanavond weer een gezellige avond met Paul gehad. Het kan zijn dat we elkaar nu niet meer treffen, hij volgt een iets andere route en bovendien rijdt hij dus op een e-bike. We gaan het zien.

Vanmiddag en vanavond erg zitten dubben of ik de hoofdroute blijf volgen, of dat ik toch een deel van de Toscanaroute zal doen. Ik las in de beschrijving dat de klim naar de eerste top zwaarder is dan de zwaarste Alpenklim, en toen dacht ik, zeker met de weervoorspellingen in gedachten (voorlopig dagen van minstens dertig graden), dit moet ik niet doen. Ik blijf dus op de hoofdroute.

Afstand 76 km, totaal 1627 km.

 

zondag 12 juni 2022 – Etappe 24: Ferrara – Prato Pozzo

Om kwart over zes zat ik op de fiets. Het voordeel van zo’n kale kamer is dat je ook makkelijk ziet of je alles hebt.
Het was lekker rustig op straat en betrekkelijk koel (18 graden denk ik). De eerste dertig km zat er nog wel wat variatie in het traject. Er werden aardige dorpjes aangedaan. In Portomaggiore zou binnen twintig minuten de Coop open gaan, en dat kwam mij wel goed uit, kon ik meteen spullen voor het avondeten inslaan.
Terwijl we (er kwamen steeds meer mensen) stonden te wachten, werd ik onverstaanbaar aangesproken door een oud mannetje. Oud? Nou ja, laten we zeggen ouder dan ik en jonger dan mijn schoonvader (91). Ik vertelde hem in mijn beste Italiaans dat ik uit Nederland kwam en onderweg was naar Rome. Hoe ik dan sliep? Nou in mijn tentje (tenda) op de campeggio. Hij was diep onder de indruk en ik hoorde hem het verhaal vele keren aan kennissen van hem navertellen.
Het toetje, twee yoghurtjes, heb ik ter plekke maar vast opgegeten, zo koud zijn ze wel zo lekker.
Daarna kwam, dat kun je gerust zeggen, het saaie stuk. Lange rechte wegen met weinig schaduw. Miesmuizen had geen zin, dus ik ging stug door. Uiteindelijk stond ik voor het gesloten hek van de camping. Er stond wel een telefoonnummer, daar heb ik zonder een reactie te krijgen een berichtje naar gestuurd. Ik veronderstelde dat er gegeten werd en besloot nog even te wachten. Toen er op een gegeven moment iemand naar buiten ging in de auto ging het open, en ik naar binnen.
Inmiddels toestemming om een plekje te zoeken.

Afstand 71 km, totaal 1698 km.

 

maandag 13 juni 2022 – Etappe 25: Prato Pozzo – Lido di Classe

Alvorens met de dag van vandaag te beginnen eerst die van gisteren nog even afmaken.

Het was eigenlijk allemaal wat vaag. Het was onduidelijk wie je voor de camping moest aanspreken en bij wie je hoeveel moest betalen. Er was een soort restaurant en daar ben ik op een gegeven moment gaan zitten om wat te drinken en het op me af te laten komen. Ze begonnen de tafels te dekken. Ik vroeg aan een van de jongens die daarmee bezig was of het mogelijk was om mee te eten, en wat het dan kostte. Voor 25 euro een viergangen maaltijd. Dat wilde ik weleens op zijn Italiaans meemaken dus ik zei dat ik dat wel wilde.

Toen de maaltijd tegen achten begon kwamen er mensen aan het tafeltje naast mij zitten. Hij met een Reitsmaboekje in zijn hand. Zo, zei ik, ook onderweg naar Rome? We raakten aan de praat en ze nodigden me uit bij hun aan tafel te komen zitten. Het was erg gezellig en het werd nog wel bijzonder toen bleek dat ze jaren in Dordrecht hadden gewoond en we wat gemeenschappelijke kennissen hadden. Het eten was prima, net als het gezelschap dus een fijne avond gehad. Bij het afrekenen vroeg ik aan de jongen hoe het met het betalen van de camping ging. Daarvoor moest hij even met “the boss” bellen. Die heeft denk ik gezegd “oh, doe maar een tientje”, en dat was dus lekker goedkoop.

Vanochtend had het niet veel zin om al heel vroeg op pad te gaan, want op mijn route zat binnen tien minuten een pontje dat pas vanaf zeven uur zou varen. Toen ik aankwam lag hij aan de overkant, maar hij kwam direct.
Er zat een lang stuk langs een best wel drukke weg, dat zal misschien een rol gespeeld hebben bij het verleggen van de route. Gelukkig mocht ik er op een gegeven moment af en nog geen kwartier later stond ik stil voor een brug die hetzij afgebroken hetzij gerenoveerd werd. Ik kon er in elk geval niet door, maar ik moest wel aan de overkant van het water zijn. Na bestudering van de kaart wist ik door deels illegale weggetjes te nemen, en toch nog een stuk van die te drukke weg, weer op de gewone route te komen.
Vanaf daar tot Ravenna waren weer lange, rechte, saaie stukken. Maar in de stad zelf heb ik genoten van de kerken met prachtig mozaïekwerk. Echt heel bijzonder.
Al snel na Ravenna kwam ik op een onverhard deel van het traject van 11 kilometer. Het begin en eind was vervelend met grote kiezels en keitjes, maar het tussenstuk waren bospaadjes die soms ook wel hotsebots-effecten hadden, maar over het algemeen lekker reden. En dit allemaal onder de voor deze streek kenmerkende parasoldennen.
Na het laatste onverharde stuk kwam ik in Lido di Classe, waar ik een camping opzocht. Dat lukte, alleen hadden ze geen faciliteiten voor kleine tentjes (wat vreemd is, want in het boekje wordt hij juist aangeprezen), maar ik keek kennelijk zo sneu dat het meisje zei dat ze wel wat wist. Ze liep voor me uit naar best een mooie stacaravan die ik voor een tientje de komende nacht mocht gebruiken. Ik bedankte haar uitbundig, voor zover mijn Italiaans dat toeliet.
Na wat te zijn bijgekomen van het fietsen in de warmte en gedoucht te hebben ben ik nog even naar het Adriatische strand geweest.

Ondertussen contact met Paul gehad die inmiddels op een camping tien km verderop stond. Of ik nog een keer samen wilde eten, dan kwam hij wel mijn kant uit (op een e-bike zeg je dat na een dag fietsen net iets makkelijker denk ik) en aldus afgesproken. We aten heel smakelijk bij het restaurant bij mij op de camping. Paul gaat eerder dan ik terug naar Nederland, dus dit kan zomaar onze laatste gezamenlijke maaltijd geweest zijn.

Afstand 62 km, totaal 1760 km.

 

dinsdag 14 juni 2022 – Etappe 26: Lido di Classe – Ponte Messa

Slecht geslapen. Waarom? Waardoor? Geen idee, soms gebeurt dat. Ik had voor de zekerheid wel de wekker gezet omdat ik graag een eind gereden wilde hebben voor het echt warm werd. En toen ik uiteindelijk in slaap was gevallen ging hij af. Ach ja, vanavond vroeg naar bed.
Ik heb de stacaravan zo netjes mogelijk afgesloten zodat het meisje dat hem me aanbood niet denkt: dat was eens maar nooit weer.
Om kwart over zes reed ik weg, heerlijk koel nog. Langs de kust was er een lang fietspad, voor Nederlandse begrippen wat hobbelig en met rare overgangen naar een volgend stuk (bij kruispunten bijvoorbeeld), maar voor Italiaanse begrippen een zeer fatsoenlijk pad. Maar de zee kreeg ik nergens te zien, ook al was hij nog zo dichtbij.
Na een km of zeventien was het punt gekomen dat ik het binnenland in trok, richting de Apennijnen. Dat ging in eerste instantie zo geleidelijk omhoog dat ik al op honderd meter zat voor ik het gevoel had dat ik ervoor gewerkt had. Geleidelijk aan werd het warmer en werd het ook meer werken om boven te komen.
Ik kwam nog door een paar plaatsen die er wel leuk uitzagen, maar ik was niet in de stemming om er echt werk van te maken.
Het laatste stuk was deels klimmen, deels min of meer vlak, langs een soort provinciale weg en dat reed niet echt fijn. Ik was blij dat ik er was. Ik denk er hard over om hier een extra dag te blijven. Vooral het zwembad trekt me erg. (Mensen die me goed kennen beginnen nu heel hard te lachen.)
Wat me in het zwembad wel opvalt is dat het kennelijk niet verplicht is hier om een badmuts op te doen. Dat is in Italiaanse zwembaden vaak wel het geval.
De gedachte dat mijn maaltijd met Paul gisteravond voorlopig weleens de laatste zou kunnen zijn werd niet bewaarheid, ook hij had deze camping vandaag als eindbestemming. 🙂

Afstand 79 km, totaal 1839 km.

 

woensdag 15 juni 2022 – Rustdag Ponte Messa

Rustig dagje op de camping. Paul ging wel door, en wist me in de loop van de ochtend te melden dat er behoorlijk stevige klim op het programma stond. En als iemand die met ondersteuning fietst dat al zegt… Ik was er niet gerust op.

 

donderdag 16 juni 2022 – Etappe 27: Ponte Messa – Sansepolcro

Gisteren geen blog, ik had een rustdag, en dat geldt ook voor de blog. 🙂 Wat ik op zo’n dag doe? Niet veel bijzonders meestal. Beetje luieren, me verdiepen in wat er nog komen gaat, wat eten, wat drinken, wat contact met de familie etc.

Vanmorgen was ik vroeg wakker, en dat kwam goed uit, want ik wilde vroeg aan de beklimming van de pas beginnen. Had ik hem al genoemd? De passo di Viamaggio, 983m hoog. Ook wel Valico di Viamaggio genoemd. Gezien de hellingpercentages in het boekje leek het me geen gemakkelijk heerschap om te bedwingen. En aangezien de temperatuur de laatste dagen steeds oploopt naar een graad of dertig wilde ik de klim graag voor de echte warmte afwerken.
Nadat ik mijn spullen zo zacht mogelijk had ingepakt, om de jonge kinderen van de buren niet zo vroeg al wakker te maken, reed ik om kwart voor zes het terrein af.
De uitzichten onderweg waren erg de moeite waard, en sommige delen van de klim waren beslist pittig, maar om ongeveer kwart voor negen was ik boven. Daar heb ik bij het daar aanwezige restaurantje wat kouds gedronken en iets koekerigs erbij.
De afdaling vond ik niet zo prettig. Het wegdek was vaak Italiaans slecht en de gaten in de weg waren door de schaduwwerking van de bomen soms slecht te zien. Dus veel in de remmen knijpen, remmen die soms heel naargeestig piepten. Ik was blij toen ik beneden was.

Het volgende avontuur was nog het vinden van de camping. Volgens mijn wegwijsapp was het nog maar vier km, en dat klopte ook wel, maar vlak voor aankomst was de weg grondig afgezet. Je kon er echt niet door. Mijn eerste poging eromheen te rijden mislukte, ik kwam op een groot terrein met veel vrachtwagens uit, daar werd ik weggestuurd. En terecht. Ik vertelde een chauffeur dat ik de camping zocht (jawel in het Italiaans) en die stuurde me weer zoals ik het al geprobeerd had. Ha ha. Na wat puzzelen op de kaart zag ik een zandweggetje dat vlak bij de camping uitkwam.
Ik zeg steeds camping maar het is eigenlijk kamperen bij de boer, en vooralsnog ben ik de enige gast. Als ik zag hoeveel moeite je moet doen om hier te komen snap ik dat wel.
Morgen weer vroeg op pad wat mij betreft. De route is behoorlijk plat, maar wel 87 km, en ik denk veel open terrein. Dan ben ik vier km voor Assisi en op de camping daar blijf ik twee nachten, zodat ik overmorgen in Assisi kan rondwandelen zonder de ballast van een fiets erbij.

Afstand 52 km, totaal 1891 km.

 

vrijdag 17 juni 2022 – Etappe 28: Sansepolcro – Assisi

Om even voor zes uur fietste ik het erf af. Ik dacht gezien te hebben dat ik op een makkelijke manier weer op de route kon komen, maar dat bleek niet te kloppen en kostte dus uiteindelijk alleen maar meer tijd. Ach, het was vroeg, en de ochtend nog koel. In eerste instantie langs een behoorlijk drukke weg, maar al snel langs rustige binnenweggetjes.
Tegen acht uur was ik bij Città di Castello, en ik vond een bankje waar ik mooi mijn brood kon smeren en eten. Daarna nog even een ommetje door het oude stadje gemaakt, en weer door.
Helaas zaten er, naast fraaie autoluwe wegen en paden, vandaag ook aardig wat wegen met druk autoverkeer. Dan ben ik altijd wel blij dat ik alleen ben, want communicatie is op dit soort wegen dan wel lastig.
Het eerste deel van de etappe vandaag ging vooral omlaag, het middelste deel licht golvend op en neer, en op het laatst, toen het al behoorlijk warm was geworden, moest er ook nog stevig geklommen worden. Niet vergelijkbaar met gisteren, maar in combinatie met de warmte (meer dan dertig graden inmiddels) was het wel zwaar.
Gelukkig heb ik niet voor de camping gekozen die ‘boven’ Assisi ligt, want dat was misschien iets teveel geweest.
De camping Green Village waar ik nu sta is deels een beetje vergane glorie. In elk geval het sanitair. Maar hij ligt op een gunstige plek. Morgen ga ik met de bus naar Assisi, ben benieuwd wat ik me er nog van herinner. Ik zal voor de zekerheid mijn afritsbroek aantrekken, er zijn kerken waar je met korte broek niet in komt. Tot nu toe geen problemen mee gehad, maar misschien hoe dichter bij Rome hoe strikter de regels.
Goed, morgen waarschijnlijk geen blog, overmorgen naar de laatste camping vóór Rome, daarna wordt het een of twee keer een B&B of hotel. In Rome is dan weer wel een camping.

Afstand 91 km, totaal 1982 km.

 

zaterdag 18 juni 2022 – Rustdag- toeristisch uitstapje naar Assisi

Vandaag heb ik niet gefietst, maar een ochtend doorgebracht in Assisi. De camping heeft een busje waarmee ze gasten naar de stad, en weer terug, brengen. Daar vragen ze vijf euro voor, en dat vond ik acceptabel. Ik wilde graag zo vroeg mogelijk, het is dan koeler en rustiger, en dat werd dan negen uur. Wie deze blog volgt weet dat ik dat toch vrij laat vind, maar het is wat het is.
Ik begon met het bezoeken van de basiliek waar de meeste toeristen op af komen. De kerk namelijk die aan San Francesco is gewijd. Die bestaat uit drie delen, de crypte waarin het lichaam van Franciscus ligt, de onderkerk die daarop gebouwd is, en daarboven de bovenkerk. Ik vind de onderkerk het meest sfeervol, ook omdat het wat donkerder is wellicht. Fantastisch zijn de fresco’s op de muren. Prachtige kleuren, mooie voorstellingen. Er mag binnen niet gefotografeerd worden dus voor plaatjes zullen jullie elders op internet moeten zoeken.
Na deze kerken ben ik langs nog enkele kerken geweest, en onderweg daar naartoe me tegoed gedaan aan ‘un caffè’ en een plaatselijke lekkernij.
Bij de kerk van Santa Chiara is een groot plein met een fantastisch uitzicht over de vallei. Assisi ligt vrij hoog, dus een en ander kwam goed tot zijn recht. Chiara, of Clara zoals wij gewend zijn haar te noemen, was een meisje van goede komaf die Franciscus wilde volgen. Haar vader wilde er niks van weten, dus zij vluchtte een klooster in. Uiteindelijk gaf pa zich gewonnen. In de Basilica di Santa Chiara ligt zij in een crypte, en de kerk zelf is zeer de moeite waard.
Voor de terugreis naar de camping kon ik kiezen tussen het busje van 12.15 en die van 15.45. Ik vond kwart over twaalf aan de vroege kant, maar die latere bus wilde ik gezien de temperatuur in de stad sowieso niet.
De rest van de middag ga ik ‘chillen’ in de schaduw, hoewel dat chillen gezien het weer niet letterlijk genomen moet worden. Morgen weer fietsen.

 

zondag 19 juni 2022 – Etappe 29: Assisi – Massa Martana

Gisteren, tegen het eind van de middag werd ik door mijn nieuwe (Nederlandse) buren uitgenodigd om bij hun caravan wat te komen drinken. Ze zijn op vakantie met zijn broer en diens vrouw, en die kwamen er ook gezellig bij. De biertjes en de chipjes smaakten goed, en het was erg gezellig.
Zij gingen op een gegeven moment uit eten en toen drongen ze er op aan dat ik wel een stoel mocht gebruiken tot ze weer terug waren. Heel fijn!
Ik maakte een eenvoudig pastaschoteltje, en toen het zo’n beetje bedtijd was brak er ergens op het terrein een soort kinderdisco los. Ik viel desondanks wel in slaap, en toen ik een keer wakker werd was het weer stil.

Wat ik ook nog even over gisteren moet melden is dat ik tijdens mijn uitstapje naar Assisi te horen kreeg dat Carina, een van de mensen waar ik tijdens de fietsreis contact mee heb gekregen (eerst op een paar campings, later via WhatsApp contact gehouden) tijdens een afdaling in een gat in de weg was gedoken en daardoor over de kop was geslagen. Blauwe plekken, schaafwonden en een gebroken pols. Daarmee is de reis naar Athene die ze met haar man Toon aan het maken was abrupt afgelopen. Zo sneu.
Ik was er wel van geschrokken en realiseerde me eens te meer dat een ongeluk zo gebeurd kan zijn. Ik nam me voor nog voorzichtiger de afdalingen te doen.

Vanochtend even voor zes uur van de camping weggefietst. Het was zowaar zo fris dat ik mijn fleecevest heb aangedaan.
De eerste ruim twintig km waren tamelijk vlak, en daarmee hebben we dat platte element tot de eindbestemming wel gehad verwacht ik, verder alleen nog maar op en neer.
Dat begon meteen al toen ik het plaatsje Bevagna binnen reed, dat ging steil omhoog richting het centrum. Ik moest eigenlijk boodschappen doen, mijn voorraden waren tamelijk op, maar de supermarkt zou pas om negen uur open gaan, en om daar nu ruim een uur op te wachten! Maar ik had wel trek. Gelukkig zijn in Italië de terrassen van koffiezaakjes vaak al vroeg open, en zo zat ik al snel achter een caffè en wat broodjes. Zo kon ik er weer een tijd tegen.
Bijzonder was dat er, terwijl ik op dat terras zat, steeds mensen met een pijl en boog voorbij kwamen die er ook fraai uitgedost uitzagen.
Toen ik weer verder ging kwam ik op een plein waar het kennelijk te doen was. Er stond ook een tribune opgesteld. Het leek er niet op dat het al spoedig zou beginnen, dus dat heb ik maar niet meer afgewacht.
Vanaf Bevagna ging het op en neer, zoals al gezegd. En de ‘ops’ werden geleidelijk aan hoger. Toch waren de klimmetjes goed te doen, mijn klimvermogen is deze vakantie ontegenzeggelijk beter geworden.
De laatste beklimming was op een gegeven moment gedaan, zo dacht ik. Ik maakte een foto en liet de familie weten dat met 525m het letterlijke hoogtepunt van de dag wel bereikt was. Dat viel toch een beetje tegen, want het vlakke stuk dat ik dacht te zien ging vals plat nog hoger, en werd nog echt klimmen ook. Het werd uiteindelijk 552m. En vanaf daar ging het tot de camping (en verder, maar dat is voor morgen) alleen maar naar beneden. Maar wel heel voorzichtig dus. Ik heb het wel vaker gezegd geloof ik, de kwaliteit van de wegen in Italië varieert van goed, tot redelijk, tot slecht tot beroerd. En door de schaduw van de bomen op straat is het ook niet altijd goed te zien.
In het plaatsje Massa Martana vond ik nog een open supermarkt waar ik nog wat boodschappen deed. Uiteindelijk was ik ongeveer kwart voor twaalf op de camping, wat met het huidige weer een mooi tijdstip genoemd mag worden.
Ik sta weer op een boerencamping en ben vooralsnog de enige. We zullen zien of er nog meer komen.

Afstand 51 km, totaal 2033 km.

 

maandag 20 juni 2022 – Etappe 30: Massa Martana – Orte

Ik ben meer van de campings dan de bed and breakfast’s (om nog maar te zwijgen van de hotels), maar toch kan ik wel genieten van de luxe die een B&B (soms) biedt. Maar goed, laat ik even de chronologische volgorde aanhouden.

Gisteren kwamen in de tweede helft van de middag het koppel uit Den Haag waar ik op de camping in Assisi al even mee had staan praten, aan op de boerencamping waar ik al eerder was aangekomen. Dat was niet echt verrassend want ik wist dat ze ook gisteren weer door zouden gaan, en zo rijk gezaaid met campings is het hier niet. Toen zij aankwamen was de temperatuur al tot boven de dertig graden gestegen, dus zij stelden het opzetten van de tent nog even uit (van de mijne stond ook uit luiheid en door de warmte alleen nog maar de binnentent) en we besloten om bij de birreria van de campingman een biertje te gaan drinken. Het was wellicht een zelfgebrouwen bier, de man was niet zo communicatief, het was troebel en zag er daardoor niet meteen smakelijk uit, maar dat was hij toch wel. We hadden het gezellig op het terras.
Uiteindelijk natuurlijk toch de tent opgezet en ingericht, en rond half acht (onze eettijden zijn al behoorlijk verschoven) naar de pizzeria die ook bij de camping hoorde. Mijn quattro formaggi smaakte prima.

Zoals gebruikelijk was ik vanmorgen vroeg op en weg. Ik heb geprobeerd zo stil mogelijk te doen, maar mijn nieuwe kennissen stonden nogal dichtbij dus ze zullen er vast iets van hebben meegekregen.
Het was weer fris, dus eerst een stuk met fleecevest aan. Het dagprogramma van vandaag bestond uit klimmen, dalen, klimmen, dalen en dat nog een aantal keren herhaald. Na dertig km was ik bij het stadje Amelia. De fietsroute ging bij de oude hoofdpoort linksaf, maar ik ben afgestapt en met de fiets aan de hand door de poort gelopen en heb het steil oplopende straatje gevolgd. Na nog zo’n straatje stond er een bordje in de richting van de kathedraal te wijzen die helemaal bovenop de heuvel lag. Ik heb daar mijn fiets geparkeerd en geprobeerd die kerk te vinden. Door een wirwar van trapjes en paadjes kwam ik wel steeds hoger, maar ik moet bekennen dat ik de kathedraal uiteindelijk niet gevonden heb. Ik begon ook een beetje bang te worden dat ik op een gegeven moment zoveel gewirward zou hebben dat ik geen snelle route naar mijn fiets terug zou kunnen vinden. Jammer, maar het dwalen door die oude straatjes was ook erg leuk.

De fijne verrassing was dat ik vanaf Amelia eigenlijk alleen nog maar naar beneden hoefde te fietsen, zo’n elf kilometer achter elkaar. En toen fietste ik over de Tiber (of Tevere zoals hij in Italië eigenlijk heet) en was ik beneden en in Orte, de plaats waar mijn B&B is gevestigd. Het plaatsje zelf is tegen een heuvel aangebouwd, en het is me wel duidelijk dat ik morgenochtend gestraft ga worden voor al dat naar beneden fietsen.
Nou ja, nog twee dagen en dan mag ik uitrusten van al dat geklim.

Bij de foto’s een detailopname van een stukje wegdek zoals je dat hier heel veel ziet, en dan zijn de kuilen/gaten nog niet eens echt diep.

Afstand 50 km, totaal 2083 km.

 

dinsdag 21 juni 2022 – Etappe 31: Orte – Calcata Vecchia

De B&B was compleet ingericht, met een aparte ruimte voor keuken/ontbijt. Mijn kamer was prima, uitgerust met airco, wat gezien de warmte niet overdreven was, maar toch heb ik hem niet de hele tijd aan gehad. Zonder werd het warm en benauwd, met was het wel lekker koel, maar toch ook niet een fijne atmosfeer.
Mario, de eigenaar, hielp me mijn fiets het trappetje op sjouwen, zodat hij achter een gesloten hek veilig kon staan.
Vanwege de warmte had ik eerst bedacht om het stadje Orte pas ’s avonds te bezoeken, maar ik begon me toch een beetje te vervelen. Dus toch in de middag al gedaan. Dan ’s avonds nog maar een keer douchen.

Orte is een aardig en oud stadje, maar deels ook wel een beetje vergane glorie. Nadat ik het meeste wel zo’n beetje gezien had ben ik op een terras neergestreken en heb daar een Italiaans biertje (Moretti) uit een Nederlands glas (Heineken) gedronken. [Terzijde: later ontdekte ik dat Moretti deel uitmaakt van het Heinekenconcern, dus zo bijzonder is deze combinatie eigenlijk niet.] Aardige gewoonte in Italië is dat je er vaak een bakje chips of iets dergelijks bij krijgt.

In het begin van de avond even naar de supermarkt om wat voor het avondeten te kopen. Het werd een bouwpakketsalade, in de vorm van een bak gemengde sla, wat mozzarellaballetjes, wat croutons (taai!) en zakjes met olie en balsamicoazijn. Daarnaast vanwege de zoutbehoefte een onsje salami en een paar kleine toetjes. Het smaakte bij elkaar ok.

Ik kon eerst niet goed slapen, vond het benauwd, maar toen ik ontdekte dat het raam toch open kon was het verder goed.
Ik had tegen Mario gezegd dat ik rond 7 uur wilde ontbijten, althans dat denk ik. Met zijn vijf woorden Engels en mijn vijf woorden Italiaans was de communicatie niet steeds even strak. Het was me eigenlijk niet duidelijk of iemand nog iets aan dat ontbijt ging doen, of dat het helemaal doe-het-zelf was. Toen het zeven uur geweest was ben ik maar wat dingen uit de voorraden gaan eten.
Toen ik mijn tassen naar beneden wilde gaan brengen liep Mario daar ook en hij vroeg of hij nog even met de fiets moest helpen. Nou graag, het was misschien alleen wel gelukt, maar het was een steil trapje.
Spullen op de fiets geladen, Mario €40 betaald, en fietsen maar. En zoals ik gisteren al had bedacht: meteen klimmen. En dat met papbenen, want zo voelde het. Maar ja, wat is het alternatief, dus toch maar doorgaan, en geleidelijk ging het beter. Er zaten diverse 8%-klimmetjes bij, en dat gaat alleen in de laagste versnelling, met ongeveer 7 km/u. Maar het gaat wel.
Deze fietsdag werd wel gekenmerkt door veel op vrij drukke wegen rijden, maar dat is misschien ook wel logisch naarmate je dichter bij Rome komt.
Ik had gisteravond al even app-contact gehad met Roberto, mijn nieuwe gastheer. Mijn voorspelling dat ik er rond twee uur wel zou zijn klopte niet helemaal, ik was al om twaalf uur bij Calcata Vecchia waar hij woonde. Hij was aan het werk, maar zou even iemand regelen die me erin zou laten, en aldus geschiedde. Calcata Vecchia is een oud stadje dat hoog op een rots is gebouwd. Ik ga het zo eens bewonderen. Mijn verblijf is gelukkig redelijk laag in de stad, want de straatjes zijn hier heel steil. Er is geen sprake van dat ik er zou kunnen fietsen.
De muren van mijn huisje zijn minstens een halve meter dik. Voordeel: niet zo warm. Nadeel: geen internet. Nou ja, zo heel groot is dat nadeel natuurlijk niet.

Morgen is het nog hooguit een km of vijftig en alleen in de eerste veertien moet er zo te zien nog geklommen worden. Ik ben van plan om eerst naar het Pietersplein te fietsen en daarna weer een stukje terug om bij de camping van Rome te komen.

Ik ga zo eens kijken of ik dit verhaal op mijn site kan krijgen. (Wat later: En ja, het lijkt te lukken, bij een cafeetje kreeg ik de WiFi-code).

Afstand 49 km, totaal 2132 km.

 

woensdag 22 juni 2022 – Etappe 32: Calcata Vecchia – Roma

Gisteren, na het plaatsen van mijn blog kwamen de mensen Calcata binnengefietst met wie ik in Massa Martana de avond gezellig had doorgebracht. Gisteren hadden ook zij in Orte doorgebracht, maar in een andere B&B. We besloten weer gezamenlijk te eten. Er was in Calcata een voor de grootte van het stadje overvloed aan restaurants, maar kennelijk waren ze om beurten open. De uitverkorene van gisteren was van een man die alles in zijn eentje deed. Bestellingen opnemen, uitserveren, koken. De afwas wellicht ook, maar daar waren we geen getuige meer van. Het smaakte goed en we hadden het gezellig met elkaar.

Ik heb eigenlijk niet zo lekker geslapen en dat kwam denk ik doordat ik tot in de vroege ochtend dacht dat er niets open gezet kon worden, of dan meteen weer de voordeur. Pas laat in de nacht ontdekte ik dat de deur van het staldeurprincipe was, dus ik had hem gewoon half open kunnen zetten.

Even na kwart over zes fietste ik weg nadat ik overvloedig vaak had gecontroleerd of ik niks vergeten was. Het ging weer lekker op en neer, maar ik wist dat hier vandaag een einde aan ging komen. Ik dacht eigenlijk zo’n beetje vanaf Sacrofano, maar dat klopte helaas niet. Spijtig en soms ronduit vervelend waren de best wel smalle weggetjes, met bijbehorend Italiaans asfalt, en daarnaast, letterlijk, heel veel verkeer dat niet Duits voorzichtig maar Italiaans “ik denk wel dat het gaat” was.
Uiteindelijk kwam de verlossing hiervan in de vorm van het lang verwachte twaalf kilometer lange fietspad langs de Tiber. Eindelijk weer eens een fietspad dat ook nog behoorlijk gaaf was. Een beetje jammer waren de enorme wolken met kleine vliegjes die ik op gezette tijden tegenkwam, dan was het zaak de mond goed dicht te houden.

Na het fietspad was het nog een klein stukje tot het Pietersplein, maar daar mocht ik tot mijn teleurstelling niet op met mijn fiets. Achteraf hoorde ik dat dat vanwege een audiëntie van de paus was. De iconische foto met mijzelf en mijn fiets en het plein in de achtergrond ging dus niet door. Nou ja, dit is uiteraard niet waar het allemaal om begonnen was.

Na het maken van de plaatsvervangende foto fietste ik over het fietspad weer terug en volgde de aanwijzingen die ik van Paul, als ervaringsdeskundige, ontvangen had om aldus keurig bij de ingang van de camping uit te komen. Ik heb naderhand van veel mensen gehoord dat ze eigenlijk alleen kans zagen om via de erg drukke autoweg op de camping te komen. Vreemd dat dat niet beter geregeld c.q. aangegeven is.

Er waren diverse andere fietsende Romegangers aanwezig. Enkele daarvan inmiddels ook gesproken.
Het aan mij toegewezen plekje lag grotendeels in de zon, dus met het opzetten van de tent heb ik gewacht. In plaats daarvan ging ik naar het zwembad, nee niet om daar te doen wat de meesten er doen, maar ik kocht een anderhalve liter koud water en heb dat daar op het terras grotendeels opgedronken.

Hiermee eindigt mijn verslag van de fietsreis. Ik ben nu gewoon een toerist die een stad bezoekt. Er komt vast nog een soort epiloog, maar ik leg me nog niet vast op het moment waarop dat gaat gebeuren.
Iedereen die dit met reacties of in stilte heeft gevolgd: hartelijk dank voor je belangstelling.

Afstand 47 km, totaal 2179 km.

 
vrijdag 24 juni 2022 – Toerist in Roma 1

Ik weet het, ik zou stoppen met bloggen vanuit Rome, maar ik weet dat ik er minstens een paar mensen een plezier mee doe, en heb je er geen zin meer in, dan lees je het gewoon niet. Overigens wil dit niet zeggen dat er weer elke dag een verhaaltje komt, alleen als ik zin en tijd heb.

Gisteravond begon er op het sportveld naast de camping rond half tien luide muziek te klinken en er begon iemand minstens zo hard bij te zingen. Soms zongen er ook anderen mee, het deed wat karaoke-achtig aan. Dit feest duurde tot ver na middernacht. Ik heb het ergernisknopje snel omgezet (helpen doet het toch niet), maar slapen viel toch niet mee. En natuurlijk toch wel rond zes uur wakker worden, en dat werd versterkt door het legen van de glascontainers op de camping rond dat tijdstip.

Op mijn gemakje wat gegeten en me klaargemaakt voor vertrek naar Rome. Zo’n eerste keer met de trein in een ander land is altijd een beetje puzzelen, op welk spoor gaat hij, hoe kom ik binnen, maar het bleek allemaal voor de hand liggend te werken. Alleen rijden de treinen in Italië aan de andere kant van de ‘weg’, daar moet je wel even erg in hebben.
In Rome aangekomen volgde ik de suggestie van medefietser Paul en ben op mijn gemakje de Via del Corso afgelopen. Zo nu en dan een kerk in gelopen die dus gewoon allemaal open staan!
Op een gegeven moment zag ik bij een zijstraat links in de verte trappen omhoog gaan. Als dat de Spaanse trappen niet zijn, dacht ik. En ja hoor, ze waren het. Beklommen en genoten van het uitzicht. Ook wel inwendig gegrinnikt om de mannen met bossen rode rozen in hun hand die ze probeerden te slijten aan (meestal) jonge koppels. Ze boden dan een roos aan, aan de vrouw/het meisje, en als die dan happig deed was het natuurlijk de bedoeling dat de man/ de jongen zou dokken. Ik heb niet gezien dat het tot een verkoopsucces leidde, maar ik zag later wel jonge meisjes met een roos lopen, dus kennelijk lukt het weleens.
Om alvast iets van Bernini te zien besloot ik koers te zetten naar het Piazza Navona, want daar staat een fontein die door hem ontworpen/gemaakt is. Hij heet de Vierstromenfontein (Fontana dei quattro fiumi) en is vernoemd naar de vier grootste indertijd bekende rivieren: Ganges, Donau, Nijl en Rio de la Plata. De rivieren worden afgebeeld als goden. Een van die goden lijkt zijn hand afwerend in de richting van de kerk Sant’Agnese in Agone te houden, en er werd beweerd dat dit was omdat deze kerk ontworpen was door Bernini’s concurrent Borromini. Dat dit echter een fabeltje is kan worden afgeleid uit het feit dat de fontein er al was voor er met de bouw van de kerk begonnen was (1652).

Het begon tegen het einde van de ochtend te lopen en ik wilde de hitte van de stad voor zijn, dus op pad weer naar het station. Even langs de Decathlon nog om te kijken of ze nog leuke zomerbloesjes hebben, maar dat viel tegen, het was maar een heel kleine vestiging met hoofdzakelijk hardloopspullen.
Waar ik nog achter moet zien te komen is hoe je de trein op verzoek kan laten stoppen, want kennelijk stopt hij niet altijd overal. Ik had mazzel, hij stopte op mijn station, maar ik ben er nog niet achter.

Hieronder nog enkele foto’s.

 
maandag 27 juni 2022 – Toerist in Roma 2

Gisteren was het een saai dagje op de camping, dat wel werd afgesloten met een gezellig etentje met Suzan en Jan op het terras van het campingrestaurant.
Ik kwam hen op de eerste camping in Duitsland tegen, en ook de tweede camping, bij Remagen, zagen we elkaar weer, maar daarna hadden ze een afspraak met familie bij Garmisch Partenkirchen, en waren enigszins aan tijd gebonden, dus had ik niet verwacht ze weer te zullen zien. Maar de dag nadat ik hier op de camping was aangekomen waren zij er ook ineens weer. Tussen hun en mijn plekje was er een tamelijk schaduwrijke plek waar we gezamenlijk gebruik van maakten. We hadden het gezellig, en het feit dat zij vandaag aan de thuisreis was een mooie aanleiding om uit eten te gaan.

Vanmorgen heb ik ze uitgezwaaid en daarna ben ik naar de stad gegaan. Ik wilde achter een ticket voor de trein naar Terontola aan gaan.
Dat naar de stad gaan ging nog niet helemaal vanzelf. Ik had bij de receptie van de camping treinkaartjes gekocht om naar Rome te gaan, maar toen ik ze in het apparaat op het station gebruikte werden ze afgekeurd. Ik snapte niet waarom, maar toen het bij andere mensen ook gebeurde ging ik er niet meer van uit dat het aan mijn kaartjes lag. Dus ik ben onder het tourniquet gedoken en waagde het erop. Ik weet niet of ze hier weleens aan controle doen, maar ik heb het nog niet meegemaakt, en ook vanmorgen bleef het uit.
In Rome aangekomen gebruikte ik het kaartje probleemloos om naar station Termini te gaan. Het lag dus inderdaad niet aan het kaartje.

Op dit station lukte het me om een kaartje voor donderdag naar Terontola te kopen, inclusief een kaartje voor de fiets. In principe is het kaartje de hele dag geldig, maar een rit zonder overstap en met de fiets is er alleen om ongeveer 15 uur ’s middags. Vanaf Terontola is het dan nog een uur fietsen naar de camping bij Tuoro, de plaats waar zaterdag mijn bus naar huis gaat.

Vanaf Termini ben ik wandelend naar het Vaticaan gegaan. Met enige moeite was het me gisteren gelukt om een zg’ skip-the-line’-ticket te kopen voor het tijdslot van half vier. En dan hebben we het dus over de Vaticaanse musea, waar ook de Sixtijnse kapel onder valt. Ik was aanvankelijk te vroeg, maar met een pauze op een terras kon ik er uiteindelijk in. We vormden een zeer lange menselijke slang, deels uit groepen, deels uit individuen zoals ikzelf bestaand. We werden door een heel groot deel van het museum geleid, en pas uiteindelijk zagen we waar waarschijnlijk de meesten voor kwamen, de Sixtijnse kapel. Het was mooi en bijzonder, maar iets minder mensen was wel fijn geweest. En ook een kortere route door het museum was niet erg geweest.

Na terugkeer op de camping werd ik door camperbewoners en buren Ans en Frans uitgenodigd om een biertje te komen drinken. En zo is er elke avond wel wat gezelligheid.

Morgen ben ik van plan om de Pieterskerk nog te bezoeken.

 
woensdag 29 juni 2022 – Toerist in Roma 3

Ik was eerder van plan geweest om het bezoek aan de Vaticaanse musea en de Pietersbasiliek te combineren, maar dat bleek toch een beetje te hoog gegrepen. Na de Sixtijnse kapel was ik helemaal afgepeigerd, dus zsm terug naar de camping. Maar eerst nog even naar de supermarkt, salade en yoghurttoetjes gekocht. Terug op de camping werd ik door camperburen uitgenodigd om even een biertje te komen drinken. Dat klonk als een goed idee, vooral toen bleek dat salade en yoghurt zolang bij hun in de koelkast kon. Leuk zoveel gastvrijheid!

De volgende ochtend (gisteren dus) redelijk op tijd naar de stad vertrokken, ik was even na half negen op het Pietersplein met de bedoeling de Pieterskerk te bezoeken. Zelfs zo vroeg stond er al een behoorlijke rij, gelukkig stond de eerste helft in de schaduw. Ik heb het niet getimed, maar ik denk een klein uurtje later was ik binnen.
Wat een imposante, indrukwekkende kerk is dat. Groot, pracht en praal. Als ik dat zie begrijp ik de reformatie wel. 🙂
Maar toch ook mooi, en zoveel details die je onmogelijk allemaal kunt opnemen.
Na de Sint Pieter ook nog even naar de Nederlandse Friezenkerk geweest. Klein en eenvoudig. Als ik onderweg naar Rome stempels in een boekje had gespaard had ik hier een certificaat kunnen halen, maar ik had er niet veel zin gehad daar tijd in te steken.

Terug op de camping bleken er inmiddels nieuwe fietsers te zijn aangekomen. Dat klikte wel aardig, en uiteindelijk zijn we met zes mensen ’s avonds in het campingrestaurant uit eten geweest. Leuk om ervaringen, maar ook meer dan dat uit te wisselen.

Toen ik gisteren de stad uit kwam dacht ik “nou dat is het dan, ik heb wel genoeg van Rome gezien.
Maar vanmorgen dacht ik er anders over. Ik zou sowieso vandaag in een mooie kerk een kaarsje branden voor de moeder van mijn vriend Adri die vandaag begraven werd. En verder had ik van fietsmaat Paul nog de tip gekregen zeker het Palazzo Pamphili te gaan bekijken, en dat wilde ik op de valreep toch nog doen. Het was inderdaad de moeite waard, zowel het Palazzo zelf, als de schilderijen en beeldhouwwerken die er te zien waren.

En hiermee zit mijn verblijf bij Rome er wel op. Morgen ga ik met de trein naar Terontola en vandaar fiets ik dan nog een klein stukje naar Tuoro. Daar sta ik dan nog twee dagen op de camping, en dan begint op zaterdagavond de busreis naar huis.

 
vrijdag 1 juli 2022 – Naar Tuoro

Gisteren, 30 juni, zoals reeds aangekondigd verhuisd van Roma naar Tuoro. Op mijn gemakje de spullen ingepakt en met een paar andere fietsreizigers bij het zwembad een Italiaans ontbijt genoten bestaande uit een espresso en een cornetto con marmellata, een soort croissantje gevuld met jam.
Ik was een beetje aan het dubben over het tijdstip van vertrek, maar uiteindelijk om half elf, na betaling van de vereiste penningen, op pad gegaan. Terwijl ik bij de receptie stond om te betalen kwam er al weer een nieuwe fietser binnen. Ik ontdekte nog een ongebruikt treinkaartje in mijn zak en die heb ik maar aan hem gegeven. Ik zou er toch niks meer aan hebben.
Via het fietspad langs de Tiber reed ik richting Rome om vervolgens op het pleintje bij de trap in het fietspad even nog een bakje koffie te drinken. Daar trof ik nota bene fietser Henk van wie ik eerder die ochtend afscheid had genomen. Hij ging Rome bezichtigen maar was ook even op het schaduwrijke terrasje neergestreken.
Na nog een tweede espresso nam ik nogmaals afscheid van Henk en liet mijn navigatie-app een route naar station Termini berekenen. Dik zes kilometer. Rome is gebouwd op zeven heuvels en allicht dat je er dan ook een tegenkomt, en inderdaad het ging nog een meter of vijftig omhoog.

Op Termini aangekomen zocht ik een rustig plekje op, toevallig net naast de MacDonalds. Dat was een teken. Ik eet bijna elke fietsvakantie wel een keer (en ook niet vaker) bij de Mac, en het was net zo’n beetje lunchtijd. Dus naar binnen, wat besteld, weer naar buiten, krukje uit de tas gehaald en op mijn gemakje gegeten.
Mijn trein stond nog niet op de borden, maar volgens de app van Trenitalia zou hij vanaf binario (perron) 1 est vertrekken. Hoe kom je daar? Dat was de volgende vraag, maar het bleek zo te zijn dat als je via perron 1 liep en dan nog een halve kilometer (niet overdreven!) je uiteindelijk bij de perrons 1 est en 2 est kwam. Ik haal me dan allerlei muizenissen in mijn hoofd. Wat als er meer fietsen dan plaatsen zijn? Waar bevindt zich het fietsendeel in de trein? Wat als ze vijf minuten van te voren (of korter!) bekend maken dat het toch een ander perron is? Ik lijk vaak wel een rustige, evenwichtige persoonlijkheid maar dat is soms maar schijn.
Uiteraard verliep het allemaal zonder problemen. Ik was de enige fietser, er was plek voor zes of zeven fietsen, het fietsendeel in de trein was snel gevonden en natuurlijk kwam er geen perronwijziging.
De fiets moest je met zijn voorwiel aan een haak ophangen. Ik was blij dat ik net die ochtend de bevestiging van dat wiel nog iets had aangedraaid. Want ik deelde de coupé met een jong gezin (die een taal spraken die zeker niet Italiaans was, eerder iets Slavisch gok ik) waarvan de driejarige dochter steeds aan het rondlopen was. Ik zou er niet aan moeten denken dat mijn fiets bovenop haar zou landen. Maar uiteraard moest ik daar steeds wel aan denken. 🙂

De reis verliep prima en precies op tijd stond ik ruim twee uur en een kwartier later op het aankomstperron in Terontola. Om op straat te komen moest ik een trap (zonder fietsgoot) af, en weer op, maar dat verliep allemaal vlot genoeg. Met behulp van de navigatie-app was de weg naar de camping van Tuoro goed te vinden. Eerste stuk langs een vervelend drukke weg, maar de rest over een mooi gravelpad langs de rand van het meer (Lago di Trasimeno). De app maakte nog wel een fout door mij rechtsaf over een drukke weg te sturen terwijl die weg een paar meter hoger lag, terwijl er geen mogelijkheid was daarboven te komen. Vermoedelijk ligt dat niet aan de app maar aan de informatie die in de onderliggende kaart zit. Aan het begin van de avond stond mijn tentje alweer en had ik kennis gemaakt met drie medebusreizigers die hier ook kampeerden. Daar zullen er wellicht vandaag nog wel bijkomen, het is een voor de hand liggende camping, op nauwelijks een kilometer van de opstapplaats van de bus.
Straks misschien nog even een naburig stadje bezoeken en dan zit de vakantie er goeddeels op.